Any Way The Wind Blows

Genre: 'Funky soft-neurotisch stadsdrama' | Duur: 2u07 | Release: 16 Juni 2003 | Land: België | Regie: Tom Barman | Cast: Frank Vercruyssen, Diane De Belder, Eric Kloeck, Natali Broods, Matthias Schoenaerts, Sam Louwyck, Dirk Roofthooft, Jonas Boel, Titus De Voogdt, Annick Christiaens

Dit wordt de beste Vlaamse film ooit qua soundtrack, dat weet je van bij de eerste minuut. Op de tonen van Magnus' hypnotiserende Summer's Here geeft Sam Lowyck een choreografietje ten beste. Tussen de aanstekelijke moves van de danser door -later blijkt hij 'windman' te zijn - worden acht personages gepresenteerd. Any Way the Wind Blows brengt a day in the life van kunstmogul Firmin (Roofthooft), leerkracht Frans Paul (Kloeck), zwartharige schone Lara, filmprojectionist Walter (Vercruyssen), bekvechtende Chouki (Schoenaerts) en Natalie (Broods) plus van Gentse gasten Felix en Frederique.



Gents, Frans, Engels, Antwerps: zoals het een Belgische metropool (en een door Vlaanderen en Wallonië geproduceerde prent) past, worden verschillende talen gehanteerd. Maar veel meer dan een vaderlandse of gewestelijke, is dit duidelijk een Antwerpse prent. Een vaak hoog hangende camera toont veel panoramische over-city shots, personages dragen low-profile kleren van 'de zes', we herkennen het straatbeeld. En zonder twijfel overheerst het Antwerps in het gebabbel. Da's net zoals het gekibbel van het Gentse duo goed voor nogal wat verbale humor: in AWTWB zijn het niet de flikken die voor de comic relief moeten zorgen, al blijken ze soms evengoed hilarisch.



Magnus zorgt dus voor een intrigerende introductie van het hele ensemble, maar niet alleen hun drietal nummers doen de boel bewegen. De hele soundtrack is bijzonder goed: van Squarepusher tot Yazoo (Situation) en QOTSA, afgerond met flarden Roots Manuva en dj Aphrodite. Barman slaagt er bovendien in op de tonen van het heerlijke Elle et Moi (van ene Max Berlin) een perfect getimede, smooth en sexy achterwaartse travelling neer te zetten: Firmin loopt tijdens de hete zomerdag waarop deze prent speelt, zijn blonde, felgebekte en zwart-kortgerokte secretaresse achterna. De mannen op straat worden bij het staren bijna weggeblazen door haar penetrerende passen. We zien Roofthoofts ogen priemen terwijl een zware stem "quelque part dans la ville, elle et moi" hijgt. Stijl. In een voorafgaande, grappige scène tussen de twee zagen we nog vooral een uitgewerkte versie van Brusselmans' Guggenheimer en diens Debbie. Vorm en muziek van de straatscène zorgen voor een extra dimensie.



De acteurs voelen zich in die vorm in hun nopjes. Roofthooft en Vercruyssen doen hun topstatus alle eer aan. Broods en Schoenaerts bevestigen als jeune premiers, Kloeck is een kleine revelatie. Hun personages bewegen zich elk op eigen tempo doorheen de swingende stad. De camera zweeft mee. Ritme regeert dus, in AWTWB (spreek uit als 'antwerp'). Een groot deel van de verhaalde dag speelt zich niet voor niks af op het feestje dat Natalie des nachts geeft voor een gemengd grootstedelijk publiek.



Veel beats, veel coke, veel drank, veel geroddel. Barman slaagt erin je deel van het feestgedruis te doen voelen. Of wat had u gedacht? Ook off-dansvloer durft zich al eens een onverwachte (groeps-)pas voor te doen. Zorgt dat voor style over substance? In zekere zin wel. Waar de personages bijzonder trefzeker zijn gespeeld én getekend, worden hun verschillende verhalen niet erg uitgediept. Het "Jij met je non-verhalen altijd", waarmee Chouki wordt afgebekt, geldt ook wel voor de ganse film. Het geinige van Gents gekibbel heeft zo bijvoorbeeld zijn grenzen. Tegelijk voorziet de prent in hopen arty referenties. Vlaamse, maar ook Warhol, Bruce Nauman, Duran Duran. De zinsneden die nog het meeste doen nadenken, komen van een Franstalig Kundera-citaat.



Met bovenvermelde 'elle et moi'-scène (en met de introductie van een blinde) werd echter al duidelijk dat het hier rond onze blik op de ander moet draaien. De Antwerpenaar bekijkt die liefdevol maar laconiek, zoals valt te merken uit de grappige cameo van Frank Focketyn, de zelfspot van Lara's minder knappe vriendin of de tachtig scheldwoord-synoniemen die 'de grote' van de Gentenaars richting 'blinde gast' lanceert.



Met de aftiteling blijkt dat Roofthooft's Firmin 'Daans' heet. Juist. De naam van de Aalsterse held werd met 'ae' geschreven, maar die klassieke stijl wordt hier overboord geworpen. Als Any Way The Wind Blows qua stilistiek en qua benadering van zijn publiek (i.e.: het wordt niet stoem geacht) een nieuw-contemporaine bries door de Vlaamse film kan laten waaien, zullen we er niet om rouwen. Barman en crew kunnen zó twee of drie fantastische videoclips uit AWTWB distilleren. Jammer dat er geen selectie voor Cannes inzat, maar dit debuut kan alvast zonder rooie wangen aan de Walen worden getoond. En nog wel een paar regio's verder. Funky? That's right.

Jan Sulmont Helemaal (niet) akkoord? Lees de

Let op: wanneer u verder gaat zit de kans er dik in dat het einde van de film verklapt wordt met alle gevolgen voor uw filmervaring vandien.

ik wil mijn pret bedorven zien

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De auto van de Gentenaars, die illegale plakkers zijn, wordt gestolen met de 'blinde gast' erin. Als ze dat gaan aangeven bij de politie, kunnen ze hun droom waarmaken: de kantine op de dertiende verdieping overvallen. Chouki steelt het pestvirus uit het Tropisch Instituut, waarmee hij een soort performance wil opzetten in Firmins galerij. Maar hij blijkt het flacon op het feestje van zus Natalie te hebben laten liggen. Paul heeft stomdronken bij Lara geslapen en maakt het de dag nadien, iets meer op stad en wereld gesteld, goed met zijn vrouw. Lara gaat onverrichterzake de dochter die ze met Walter heeft, bij diens moeder afhalen. Dat was niet de afspraak: 'Maar wat is dat eigenlijk met u'? Natalie en Walter worden na ruzie op het feest, dan toch samen wakker. Natalie stapt in iets uit glas, wat knapt. Walter gaat weg en zij neemt een bad. Chouki staat radeloos aan de deur van zijn zus. Zij weigert open te doen: ze zit net in bad, en heeft haar voet gesneden. De windman ligt aan een kaai, met een liefje in zijn armen. Passanten in een bootje klagen: er is geen zuchtje wind.