Casino Royale

Genre: Thriller | Duur: 2u25 | Release: 22 November 2006 | Land: VS | Regie: Martin Campbell | Cast: Daniel Craig, Eva Green, Mads Mikkelsen, Caterina Murino, Judi Dench, Simon Abkarian

Schrijven dat Sean Connery niet de beste Bond ooit was, is hetzelfde als beweren dat William Shakespeare slechts een paar onbeduidende stationsromannetjes heeft geschreven. Bepaalde canons zitten nu eenmaal, als een scheermesje op een naakte huid, tot op de millimeter juist. Elke nieuwe Bondacteur moet zich dus meten, én met de oude vertolkingen van Connery, én met de miljoenen Bondfans over de hele wereld. Al vanaf dag een van de opnames werd Daniel Craig, alweer de zesde acteur die in de huid kruipt van de beroemdste spion ter wereld, smalend James Blond genoemd. Internetfora gonsden van de geruchten over ronduit zwakke acteerprestaties, elk letsel dat Craig opliep tijdens de opnames werd luidkeels bejubeld. Craig hulde zich in een oorverdovende stilte, mompelde hoogstens dat de critici hun messen pas konden slijpen als de film af was.



Wat blijkt? Craig zet een van de meest memorabele Bonds uit de geschiedenis neer. Niemand, zelfs Connery niet, zit zo dicht bij de 007 die Ian Fleming, de schrijver die Bond uitvond, in zijn boeken voor ogen had: viriel, ongepolijst, charmant, sexy, maar vooral hoogst gevaarlijk, als een python in een sneeuwdoosje. Ook de film, chronologisch het eerste verhaal uit de reeks, brak behoorlijk wat potten bij de meeste filmcritici, inclusief ondergetekende. Nu maar hopen dat de ietwat conservatieve, hardcore Bond-fans die mening gaan delen. Even recapituleren.



James Bonds eerste opdracht als 007 leidt hem tot bij Le Chiffre, de bankier van wereldwijd gevreesde terroristen. Om hem tegen te houden en het terroristisch netwerk uit te schakelen, moet Bond in Casino Royale Le Chiffre verslaan in een pokerspel met heel hoge inzetten. Het Britse ministerie van financiën stelt een bloedmooie medewerkster aan om zijn inzet voor het pokerspel af te leveren en over het overheidsgeld te waken. Eerst is Bond allesbehalve enthousiast over Vesper Lynd, maar terwijl het paar een serie aanvallen van Le Chiffre en zijn handlangers overleven, groeit er een wederzijdse aantrekkingskracht tussen hen die het duo in nog gevaarlijkere situaties zal storten en Bonds leven voor altijd zal veranderen.



Klinkt eenvoudig? Inderdaad. In tegenstelling tot alle andere Bondfilms hoef je geen wiskundig genie te zijn om de plot te kunnen navertellen. De film spitst zich toe op twee hoofdbrokken: de psychologische oorlogsvoering tussen Le Chiffre en Bond tijdens hun pokerspel in het casino en de romance tussen Bond en Vesper Lynd. Is dat niet saai, zal u vragen, een Bond die een halve film in een casino zit te pokeren? Neen dus. Net als Phillip Seymour Hoffman in Mission Impossible III een schitterende aartsschurk neerpootte, heeft acteur Mads Mikkelsen genoeg talent om met weinig tijd en dialoog een rotgemene Le Chiffre te spelen, haast als een blauwdruk van alle latere schurken die Bond moet bevechten. Het knettert tussen Mikkelsen en Craig, en daar kan je als toeschouwer alleen maar van genieten..

Die spanning zit er overigens al van in het voorfilmpje in: we zien hoe Bond, om zijn 007-status te krijgen, twee hondsbrutale moorden pleegt. We zijn heel ver van de traditionele achtervolgingsscènes in de openingssequentie, zoveel is duidelijk. Ook de generiek speelt verstoppertje met de tradities. Weg zijn de schaduwen van halfnaakte vrouwen. Enter de film zelf. Onze spion achtervolgt een terrorist in een Afrikaans land, met de verbetenheid van een pitbull die bloed ruikt. Het typeert Bonds nieuwe stijl ten voeten uit: geen grappige oneliners, geen metersdikke laag Englishness; agent 007 is een luipaard, met een haast dierlijke intuïtie.

Dat spelen met de conventies van het genre zit overigens doorheen de hele film. Voorbeelden zat: Bond die, gevraagd of hij zijn Martini "shaken or stirred" wil, antwoordt dat het hem geen moer kan schelen. Bond die pas in de laatste seconde film, wanneer hij de slechterik heeft vermoord, zegt dat zijn naam Bond, James Bond is. Geen Moneypenney of Q ook, slechts enkele gadgets, geen spoor van het wereldberoemde kenwijsje van John Barry. Tenslotte blijkt Bond, buiten een occasionele one night stand, wel degelijk echt verliefd op Vesper Lynd. De romance tussen die twee levert meteen een mooie verklaring voor het feit dat 007 de rest van zijn leven een rasechte womanizer wordt.



We schreven het al: de trouwe fans gaan teleurgesteld zijn. Regisseur Martin Campbell, die ook al Goldeneye, de eerste Bond met Brosnan, regisseerde, blikte een 007-film in die zich qua stijl moeiteloos kan meten met The Bourne Supremacy. Deze vernieuwingsoperatie doet voor de belegen serie wat Christopher Nolans sublieme Batman Begins deed met de stuiptrekkende Batman-franchise: een doodgewaand genre een forse shot adrenaline injecteren. Het feit tenslotte dat Daniel Craig op de set als een blok viel voor de charmes van de 34 jaar oudere (!) Judi Dench -M in de film- bewijst dat de man meer klasse in zijn linkerpink heeft dan Roger Moore in al zijn wenkbrauwen. Sean Connery mag op zijn beide oren slapen: Bond, oude én nieuwe stijl, est arrivé. Allen daarheen!

Filip Hermans Helemaal (niet) akkoord? Lees de

Let op: wanneer u verder gaat zit de kans er dik in dat het einde van de film verklapt wordt met alle gevolgen voor uw filmervaring vandien.

ik wil mijn pret bedorven zien