Diary of an Unknown Soldier
rating

Duur: 16 min. | Land: Groot-Brittannië | Regie: Peter Watkins | Cast: Brian Robertson | Scenarist: Peter Watkins | Producent: Roger Higham, Peter Watkins | Productiehuis: Playcraft

1746. De slag van Culloden. Peter Watkins is aanwezig met een cameraploeg van de BBC en brengt live beelden en interviews vanop het slagveld. 1871. Peter Watkins stelt zijn camera op bij de commune van Parijs en net op tijd: de communeleden en de regeringsgezinden hebben immers net elk een televisiestation opgestart om de gunst van het gepeupel te winnen. In 1970 steekt Watkins de grote plas over en bezoekt Punishment Park - een strafkamp voor iedereen die kritiek durft te uiten op de Amerikaanse regering of de Vietnamoorlog. Of nog, zijn meest beruchte reportage, The War Game, filmde Watkins in Engeland bij het uitbreken van de atoomoorlog. Peter Watkins, crimineel miskend filmmaker en cultuurpessimist extraordinaire.

Watkins was acteur van opleiding en kwam via het amateurfilmcircuit in de jaren '60 televisie terecht - net zoals Ken Russell en John Schlesinger. Culloden, uit 1964, was zijn doorbraak. Niet alleen slaagde hij er in met belachelijk beperkte middelen een overtuigende historische veldslag te ensceneren – Watkins bracht geen droge opeenvolging van feiten maar live beelden en interviews met de strijdende partijen. Het resultaat was een bizar, overompelend en emotioneel meeslepend werk, niet in het minst door de verwijzingen naar de vietnamreportages uit die tijd. Die pseudoreportage-aanpak zou zijn handelsmerk worden.

The War Game pakte hij op dezelfde manier aan. Deze film over een kernaanval op Groot-Brittannië moest de bevestiging worden van Watkins' talent maar de censuur besliste er anders over. De film werd bestempeld als te gewelddadig, opruiend en verontrustend. De BBC gooide de film onmiddellijk de ijskast in en The War Game zou 20 jaar lang onvertoond blijven. De film won later de Oscar voor beste documentaire en viel nog herhaaldelijk in de prijzen, maar het mocht niet baten. Watkins was van de ene dag op de andere verbrand als televisiemaker, door het verafschuwd establishment verketterd als agitator en propagandist. Hij waagde zich aan een langspeelfilm, Privilege, maar die werd slecht verdeeld en bovendien door de pers gekraakt. Uiteindelijk zou hij zichzelf uit het Verenigd Koninkrijk "verbannen", en zijn geluk zoeken, eerst in Amerika, waar Punishment Park bijzonder vijandig werd onthaald, om uiteindelijk in Scandinavië neer te strijken. Ook daar zouden zijn films voor controverse blijven zorgen.

Watkins' pseudo-documentaire techniek heeft al een aantal bijzonder spannende en krachtige films opgeleverd. Hij wisselt los handcamerawerk af met sterk gestileerde beelden. Zijn acteurs zijn steevast amateuracteurs, waar hij altijd aangrijpende, natuurlijke vertolkingen uitkrijgt. Maar al dat vernuft staat bij Watkins ondergeschikt aan een doel.

Watkins' films zijn in de eerste plaats politieke statements - over latent geweld en repressie, over verrechtsing en vooral over de manipulatie van de media. De typische Watkins film neemt een bepaald hangijzer, vergroot de tegenstellingen in het kwadraat en speelt de conflicterende visies tegen elkaar uit. Bij de opnames van de Commune, uit 2000, kwam het een paar keer bijna tot relletjes tussen de acteurs - Watkins had de acteurs immers op basis van hun politieke overtuiging gecast.

De reacties op zijn werk blijven nog steeds extreem verdeeld: door sommigen afgedaan als hysterische propanganda of botte satire, door anderen als origineel, prangend - getuigend van een zeldzame maatschappelijke betrokkenheid. Of je het nu eens bent met zijn standpunten (en zijn werkwijze) of niet, het is onbegrijpelijk hoe een filmmaker met zo’n krachtige, onmiddellijk herkenbare stijl, een originele invalshoek, en een consistente visie zo obscuur kan blijven. Een film van Watkins is immers altijd een belevenis.

Zo ook Diary of an Unknown Soldier. Watkins' eerste film, gedraaid met een amateursgezelschap. We beleven de laatste dag uit het leven van een anonieme frontsoldaat uit Wereldoorlog I. In een reeks krachtige, expressieve close ups, afgewisseld met beverige documentaire beelden, zien we de soldaat worstelen met zijn angsten, zijn relaties met de andere soldaten, die uiteindelijk allemaal even onzeker zijn als hijzelf. Helaas laat Watkins niet enkel zijn beelden spreken. Er is namelijk ook een voice over (stem van Watkins zelf) die teveel de actie benadrukt en maar al te vaak pathetisch overkomt wat de impact wat naar beneden haalt.

De boodschap, oorlog is hel, hebben we al vaker gezien, maar voor een debuutfilm met amateur-crew en amateur-acteurs wordt die toch wel bijzonder treffend en origineel in beeld gebracht. Diary of an unknown soldier werd het visitekaartje dat voor Watkins de deuren van de BBC zou openen.

Pieter Uytterhoeven