Miles Away
rating

Duur: 30 min. | Land: Belgiƫ, VS | Regie: Daniel Dumitrescu, Bram Merville, Titus Simoens

Cow Camp, Idaho. Waar de tijd stilstaat, of zo lijkt het althans. Want de globalisering ziet ook deze verlaten uithoek van de Far West niet over het hoofd. Miles Away gaat na hoe twee jonge cowboys, Gene en Josh, zichzelf gaande houden op hun schijnbaar onveranderend weiland. De documentaire peilt naar wat er schuilgaat onder hun katoenen hemden, sierlijke snorren en onafscheidelijke hoofddeksels.

Miles Away start met een openhartig gesprek tussen Gene en Josh, bijverlicht door een olielamp. Veel van wat volgt ligt in die scène al besloten: het harde leven van de cowboy, ver weg van het zachte van vrouw of kind. Het noodlottige, alsof er voor hen geen andere weg te begaan valt dan deze, cowboying. En dan toch het nakend teloorgaan van die zekerheid, wanneer Josh verzucht: ‘I ain’t no cowboy.’

Van kapitaal belang is de wederzijdse erkenning van hun hard bestaan – vriendschap lijkt dan ook wat deze kerels overeind houdt. Bovendien plaatsen ze zichzelf alsmaar in een oeverloze traditie waarbij kernbegrippen als home, a good man en doing the right thing als een mantra worden gehanteerd – zonder dat die woorden van enige inhoud worden voorzien. De geloofsbelijdenis van de cowboy – een vastklampen aan simpele waarheden.

Dat is te begrijpen, want Miles Away toont dat hun levensstijl aan alle kanten onder druk staat. Het eventuele vertrek van Josh dreigt gans hun microstructuur uit elkaar te halen, ecologisch en economisch moeten de cowboys hun coûtumes bijschaven en bovendien ervaren ook zij de metafysische dreiging waaraan geen sterveling ontsnapt: de vergankelijkheid der dingen. Dit laatste levert enkele prachtige scènes op, met een 91-jarige rancheigenaar en diens treurnis omdat hij zijn paard niet langer kan bestijgen. En de babbel tussen de door amnesie getroffen grijsaard en twintiger Gene: vol misverstanden en losse flodders, maar met eindeloos respect en evenveel geduld. Komiek evenals bloedernstig.

De regisseurs vermengen een standaard documentaire aanpak – actiebeelden en interviews – met gekende westernstijlfiguren. Die desolate rotslandschappen, waar de blauwe lucht het kader overheerst en strak afsteekt tegen de rode rotsen – ze blijven natuurlijk adembenemend, maar we hebben ze wel vaker gezien. Dat geldt ook voor de gevoelige country mondharmonica. Ook lijken de beelden soms wat knullig gekadreerd, en weet de montage niet altijd het juiste ritme te vinden zodat shots net te vroeg lijken te verdwijnen.

Miles Away is sterk om andere redenen: omwille van de inkijk in de dagelijkse beslommeringen en innerlijke roerselen van deze mannen. Dat de cowboys daarbij vergoeding in bier vroegen, verklaart ten dele hun aandoenlijke loslippigheid. Een pakkende karakterschets, waarbij we niet anders dan zo kunnen besluiten: Gene, Josh, het ga jullie goed.

Maarten Van den Bulcke