Soft
rating

Duur: 14 min. | Land: Groot-Brittanniƫ | Regie: Simon Ellis | Cast: Matthew O'Shea, Michael Socha, Jonny Phillips | Scenarist: Simon Ellis | Producent: Jane Hooks

Wat je niet kan zeggen van Simon Ellis, is dat hij stil zit. Op vijftien jaar tijd schreef en regisseerde hij 11 kortfilms, een langspeler (Dogging: A Love Story), talloze videoclips en de meest bekroonde reclamecampagne van 2012. In 2013 was hij nog te zien op IKL met Stew & Punch, maar op Go Short 2014 staat zijn beste tot nu toe geprogrammeerd: Soft (2007). Deze klepper sleepte maar liefst 38 festivalprijzen in de wacht, onder andere op het Sundance Festival, het kortfilmfestival van Toronto, en de British Independent Film Awards.

Kenmerkend voor de films van Ellis is hun extreme Britsheid. En dan hebben we het niet over de Britse gentleman met bolhoed en wandelstok, maar wel over de harde wereld van de Britse hangjongeren, kleine criminelen en getormenteerde tieners in de Engelse voorsteden. Johnny Cash zei ooit: Son, this world is rough and if a man's gonna make it, he's gotta be tough. Als je jezelf niet kan bewijzen, ga je tenonder. Ik weet niet of Ellis een grote Cash fan is, maar zijn films ademen perfect dit sentiment uit. In die lijn dus ook Soft, dat het verhaal vertelt van een vader en zijn zoon Scott.

De film opent met gsm-beelden van de hangjongeren die Scott achtervolgen en vervolgens in elkaar slaan. Vader gaat na zijn werk een bus melk kopen en wordt door hetzelfde groepje onder handen (en vooral voeten) genomen. Wanneer de vader thuiskomt en ziet wat er met zijn zoon gebeurd is geeft hij hem een preek over het belang van voor jezelf opkomen. Totdat de daders voor de deur staan en vaderlief verstijft van schrik.

De intensiteit spat van het scherm in een interne strijd tussen woede en doodsangst.

De grootste troef van deze film is realisme: (voor het verhaal) overbodige details maken de film levensecht, en je wordt als kijker recht in de situatie geworpen. De willekeur van het geweld is angstaanjagend: het kan eender wie, eender waar, eender wanneer overkomen. Intensiteit spat van het scherm, vooral door de acteerprestaties van de vader, die in al zijn handelingen, gezichtsuitdrukkingen en zelfs zijn manier van wandelen een interne strijd tussen woede en doodsangst uitstraalt.

Toch is er ook (het blijft Simon Ellis) humor in deze film. De haast onbegrijpelijke jongerentaal is zodanig belachelijk dat het met momenten moeilijk is om de jongeren te zien als een bedreiging. De shock is hierdoor nog groter wanneer de eerste klap wordt uitgedeeld. Het einde van de film is heerlijk cynisch: wanneer alles afgelopen is, komen de buren op straat en vertellen ze aan elkaar wat ze allemaal gezien hebben.

Simon Desmet