The Monster of Nix
rating

Duur: 30 min. | Land: Belgiƫ, Frankrijk, Nederland | Regie: Rosto | Cast: Charles Hubbell, Joe Eshuis, Terry Gilliam, Tom Waits | Scenarist: Friso Aartse, Rosto | Producent: Claudius Gebele | Productiehuis: Autour de minuit productions, Studio Rosto

Wie niet weg is, is gezien! De guitige Willy, onvolgroeid nog en blondgelokt, speelt verstoppertje met z’n oma. Een spelletje dat ontaardt in een bloedserieuze speurtocht: oma blijkt écht verdwenen. Meer nog, hun stadje Nix is helemaal van de kaart geveegd. Opgeblazen inwoners met verzakte nek en te korte armpjes razen radeloos door het dorp dat nasmeult van de pas ingeslagen ramp.

Nix is teloorgegaan en, nog steeds op zoek, betreedt Willy het bos – oord van onvermoede krachten en excentrieke wezens. Zoals de Langemanne, wandelende boomstronkjes met gloeiogen en elk een scherpe neus, een takkebaard en een frommelig capeje. Hun benen lijken slap, maar toch gaan ze kwiek en energiek. Ze bewonen een meer diep in het woud, waar het maanlicht door een treurwilg wordt gebroken en er zodoende eieren in het water worden gebroed. Elk ei bevat één verhaal. En zonder verhaal, geen leven. Nix.

Rosto en co sleutelden zes jaren aan deze prent – het resultaat mag er zijn. We zien een bombastische kosmos, vol muzikale intermezzo’s en visuele pracht. De fantastische karakters laten zich af en toe een sappige oneliner ontvallen en de decors zijn rijkelijk gedetailleerd – zozeer dat onze ogen niet alles kunnen volgen. Een indruk die wordt vergroot door de rusteloze cameravoering: de lens cirkelt alsmaar rondom Willy, springt van hak naar tak en hotst op de schokken van het narratief. Speciale vermelding voor de dieptewerking zonder perspectief, maar met schuin opklimmende lijnen die tezamen een verte suggereren. Alles ziet er geweldig uit – ook wanneer het eng moet zijn. We missen dan ook enige scherpe randen. Bovendien laat de visuele overdaad niets aan de verbeelding over. Een euvel dat echter ten volle wordt gecompenseerd door de inhoudelijke gelaagdheid. Terug naar het relaas dus.

Met vereende krachten zwoegen de Langemanne aan hun Oviodome: een paleis als een reuzenei dat hen van de ultieme ondergang – het einde der verhalen – moet afschermen. Dat einde wordt aangekondigd door de eenogige Virgil, een zwaluw gesouffleerd door Tom Waits’ gerookte stembanden. Deze bode van Niks zet een punt na elk vertelsel. Destructie is zijn devies. Bij Rosto is dit niet kwaadaardig – daarvoor is zijn kosmos te doordacht. Virgil is eerder een tragisch figuur, vurig verlangend naar een nieuw verhaal dat hij telkens opnieuw zelf zal moeten afbreken. Tot in den treure.

In Rosto’s handen wordt kinderlijke fantasie ernstig genomen. Hij toont dat hun angst ook die van ons is: schrik voor het grote eind. Zijn wereld is echter een met symbolen volgestouwde toverkamer waar alles in alles wordt gespiegeld – kwaad en goed, eng en mooi, begin en eind. Narratief is The Monster of Nix dan ook een slang die in haar eigen staart hapt: het einde is een nieuwe start. Dat geldt ook voor ons: we verlaten de zaal en slaan het daglicht gade – we kijken opnieuw door kinderogen.

Maarten Van den Bulcke