Splintertime
rating

Duur: 11 min. | 2015 | Land: Nederland, Frankrijk, België | Regie: Rosto | Cast: Robin Berkelmans, Erwin Dörr, Nikki Hock, Nina Nestelaar, Barnaby Savage | Scenarist: Rosto | Productiehuis: S.O.I.L., Kenges - Autour de Minuit, Studio Rosto A.D.

Een nieuwe Rosto! De Amsterdamse animator verrukte ons in 2013 al met een duister meesterwerk als The Monster of Nix, een monumentale kortfilm van liefst een half uur lang waaraan zelfs Terry Gilliam en Tom Waits hun stemmen verleenden.  In het video-interview over The Monster of Nix met Kortfilm.be (“de film was bedoeld als een kort tussendoortje”)  vertelt Rosto over hoe hij bij het filmmaken vooral steunt op zijn intuïtie, “toch één grote sample tank van wat je hebt meegemaakt, gezien hebt, gehoord hebt”.

Het zes minuten durende Lonely Bones mengde dan weer met Satanisch plezier live-action, computeranimatie en getekende elementen; dat alles overgoten met een muzikale saus van Rosto’s eigen vroegere band Thee Wreckers. Die band is het onderwerp van wel meer van zijn films – kijk maar naar No Place Like Home, waarin hun muziek en de bandleden zelf worden opgevoerd in een vergelijkbare mix van trippy animatie met live action intrusies.

Ook Splintertime wordt gestut door loeiharde dreunen van Thee Weckers.

 

We starten in donkere krochten onder een vuile disco, waar wezens ronddwalen met verwrongen Jan Klaassen of pothead alien maskers. Ze schuren tegen graffitimuren en spreken met vervormde stemmen. Tom Van Gestel van het Belgische Fabrique Fantastique stond ondermeer in voor die maskers. Ze werden eerst in 3D ontwikkeld en daarna omgezet in prothesen. Deze topanimator spreekt ook van een “baarmoeder” waarbinnen Splintertime zich zou moeten afspelen.

Hoewel we de link met vrouwelijke voortplanting niet meteen ontwaren, zijn we sowieso verrukt door de prachtige, waanzinnige cocon waar Rosto ons andermaal in onderdompelt.

De Amsterdamse animator meet zich aan Lynch en Bergman in deze mindfuck van een kortfilm.

Maar éénduidigheid is niet aan de orde. Snel volgt een abrupte mood swing naar een strak afgelijnd wit universum, waar zowel dansende verpleegsters als wegrottende oogkassen er fantastisch gaan uitzien. Als een Lynch of Bergman durft Rosto te appeleren aan intuïtief begrip van film: de archetypes waar hij mee jongleert zijn niet éénduidig te vatten. Maar alles ziet er fantastisch uit, tot en met een blinkende ziekenwagen die geweldig opwindend over het ijs scheurt.

Rosot's nieuwste is een stuk intenser dan het hoger vermelde No Place Like Home, ook al omdat de songlyrics minder dominant bepalend zijn voor de hallucinante kijkervaring.  Splintertime hamert met het eind zelfs op een duidelijke boodschap – Don’t do Smoke & Drive. Na deze mindfuck bezweren we dat vanzeleven niet te durven.

Jan Sulmont