Dimensions of dialogue
rating

Duur: 14 min. | 1982 | Land: | Regie: Jan Svankmajer | Scenarist: Jan Svankmajer

Toen Terry Gilliam (Monthy Python and the Holy Grail) in 2012 een lijst opstelde met zijn persoonlijke top 10 van animatiefilms mocht Dimensions of dialogue uit 1982 van de Tjechische stop-motion meester Jan Svankmajer uiteraard niet ontbreken. Gilliam blijkt lang niet de enige fan van de militante surrealist: zowel de gebroeders Quay (Street of Crocodiles, Anamorphosis) als Tim Burton (Vincent, Edward Scissorhands) noemden hem als één van hun grootste inspiritatiebronnen. Geen klein grut dus, en wie een iets bredere introductie zoekt verwijzen we graag door naar dit artikel.

Dimensions of dialogue is opgedeeld in drie hoofdstukken - "Eternal conversation" (Dialog věcný), "Passionate discourse" (Dialog vášnivý) en "Exhaustive discussion" (Dialog vyčerpávající) – waarin Svankmajer de verschillende aspecten van ‘dialoog’ op ludieke én verrassend pessimistische wijze bestudeert. Ook politieke statements schuwt hij niet, al zitten ze veilig verborgen onder een laagje ingenieuze stop-motion en claymation en een flinke dosis zwarte humor.

 

> KIJK ONLINE

Een man bestaande uit fruit en groenten, alsof hij is weggeslopen uit een werk van Giuseppe Arcimboldo, rolt jolig rond wanneer hij wordt opgeschrikt door een kletterend geluid van dreiging. Hij valt ten prooi aan een gelijkaardig schepsel, bestaande uit keukengerei: we zien scharen, lepels, potten en kaasraspen op gewelddadige wijze de aardappels, kroppen sla en tomaten vermalen. Wat overblijft van de ‘organische’ man is een onsmakelijk fruitpapje.

De rammelende ‘keukenman’ ondergaat even later hetzelfde lot, wanneer hij zijn meerdere moet erkennen in de intelligentsia: een allesverslindende man samengesteld uit encyclopedieën, briefpapier en geodriehoeken. Maar of deze ook is opgewassen tegen de compostbrei? Het proces herhaalt zich opnieuw en opnieuw: consumptie, reproductie, consumptie, reproductie, etc. Totdat een ‘nieuwe mens’ geboren/geproduceerd wordt…. Svankmajer’s synthese is echter allesbehalve idyllisch: bemerken we hier een snedige veroordeling van het utopische communisme?

Deel twee lijkt makkelijker leesbaar en behandelt de liefde. Romantici zijn echter gewaarschuwd: de uitkomst van het erotisch liefdesspel doet hier eerder denken aan Andrej Zvjagintsevs Loveless dan aan een doorsnee kleffe feelgoodfilm. Het begint nochtans veelbelovend. Twee kleifiguren zoeken voorzichtig toenadering: een lach, een blik, een eerste aanraking. Een tedere kus mondt uit in het samensmelten van het koppel. Wat volgt is een sequentie waarin Svankmajer op prachtige wijze seksualiteit, intimiteit en het alombekende gevoel van te willen fusioneren met je partner visualiseert.

Wanneer de vrijpartij erop zit en het koppel terugkeert naar zijn oorspronkelijke, tweedelige vorm blijken man en vrouw echter niet meer alleen te zijn. Een vormloze klodder klei – het ongewenste liefdeskind – probeert smekend de aandacht van zijn ouders te trekken. Noch vader, noch moeder erkennen het zielige kroost. Liefde verandert in haat, intimiteit in agressie. Het kind wordt niet enkel van ’s moeders boezem verstoten, maar wordt ook door de vader als wapen gebruikt. De komst van het arme schepsel verstoort bijgevolg de harmonie én de communicatie tussen de twee bedpartners; Svankmajers pessimisme krijgt opnieuw de bovenhand.

Klauwende kleifiguren! Vlezige tongen!

Ook de interacties in het derde segment lopen steevast faliekant af. Twee kleien kletskoppen, met de neuzen naar elkaar gericht, bieden elkaar objecten aan die ze – bijgestaan door een cartoonesk geluidje – uit hun mond tevoorschijn toveren. Komt de ene met een tandenborstel, dan presenteert de ander een tube tandpasta. Zo gaat het even door en op eerste zicht lijken ze mekaar behulpzaam te assisteren: brood vs. boter, potlood vs. slijper en schoen vs. veters. Desalniettemin beginnen de mannen in hun haast fouten te maken en belandt de tandenborstel in de slijper en de boter op de schoen. Gefrustreerd schakelen ze in een hogere versnelling in de hoop hun fouten recht te zetten, maar het kwaad is geschied. Uitgeput zakken de twee hoofden ineen.

Alhoewel dit driedelige meesterwerkje resoluut voor een Oost-Europees pessimisme kiest, is het geen bedrukkende kijkervaring geworden. Integendeel: Svankmajers ideëen worden op een ludieke wijze gepresenteerd en zijn techniek is van zo'n hoog niveau dat je als kijker niet anders kan dan je te laten overspoelen door die sublieme vernuftigheid. Voorts kunnen weinig animatiefilms tippen aan de ongewone tactiliteit die Dimensions of dialogue tentoonspreidt – die klauwende kleifiguren! die vlezige tongen! – waarin de simpelste objecten een tastbare sensatie oproepen. Dit alles resulteert in een perfecte kortfilm, zowel voor zij die graag Svankmajers ingeniositeit bewonderen, alsook voor enthousiastelingen van politieke cinema, die een mondje kunnen meepraten over Marx’ dialectische verhoudingen.

In 2016 zette de 81-jarige Svankmajer een crowdfundingcampagne op poten om zijn zelfverklaarde laatste film te kunnen financieren. “Surrealism’s not dead,” exclameert hij inmiddels, want in een mum van tijd haalde hij het beoogde bedrag binnen. Langspeler Insects, een herbewerking van een toneelstuk van de gebroeders Čapek en Kafka’s De Gedaanteverwisseling, kon dankzij die genereuze steun van meer dan tweeduizendzevenhonderd bijdragen het daglicht zien. Ondertussen bevestigde Internationaal Film Festival Rotterdam dat ze de film in wereldpremière zullen tonen: een goed excuus om een bezoekje te brengen aan onze noorderburen, zo lijkt ons.
 

Michiel Philippaerts