Petit ami
rating

Duur: 16 min. | 2017 | Land: België | Regie: | Cast: , | Scenarist: | Producent:

Iedereen die af en toe de trein neemt van of naar Gent heeft zijn oog al eens laten vallen op het rendez-vous hotel Ptitami dat, met behulp van cupido’s en neonverlichting, makkelijk de aandacht trekt. Voor zijn laatste kortfilm heeft Anthony Schatteman (ondertussen een vaste waarde op het Internationaal Kortfilmfestival Leuven) deze opmerkelijke locatie kunnen strikken.

Net als in zijn vorige films Kus me zachtjes en Volg mij gaat Schatteman aan de slag met acteur Ezra Fieremans (Jasper). In dit slotstuk van het drieluik is het niet meer Jasper, maar zijn tegenspeler die worstelt met zijn emoties. 

 

 

We herkennen meteen de stijl van de regisseur: ook Petit Ami begint met een sterke openingsscène gemonteerd op een catchy nummer. Ditmaal geen schlagerlied, maar wel ‘Only You’ van Steve Monite: een geniale Nigeriaanse funksong die steeds vaker opduikt sinds Frank Ocean er eerder dit jaar een cover van bracht. Het resultaat is een ritmische montage van pendelaars die zich rondom station Gent-Sint-Pieters verplaatsen.

Als een geleerde courtisane schenkt Jasper een glas champagne voor zijn klant in, die hem uttele minuten eerder met een hoop opgekropte frustatie heeft geneukt. Zijn klant (Thomas Ryckewaert) kan minder goed verstoppen dat ook hij geschrokken is van zijn eigen manier van aanpak – als een geslagen hond klinkt hij mee “op Jezus zijn verjaardag” (dixit Jasper). Doorheen de film komen we steeds beter te weten wat precies de zorgen zijn die de man met zich meedraagt.

Funky gay.

Gretig maakt Schatteman gebruik van de mogelijkheden die de locatie biedt: de spiegels worden optimaal benut in een spel van kijken en bekeken worden. Ook als toeschouwer neem je daaraan deel: het voyeurisme wordt vormelijk beklemtoond door het afgeronde 4:3-kader (denk viewfinder) waardoor we de film te zien krijgen. In combinatie met een camera die de personages dicht op de huid zit, wordt er een intieme en bevreemdende sfeer gecreëerd.

Schatteman kiest net als in zijn eerste kortfilm voor een focus op slechts twee personages. Petit Ami wordt zo een hele pure film waarbij vooral vormelijk geëxperimenteerd wordt - de verhaallijn schuift hierdoor helaas wat naar de achtergrond. Een kortfilm waarin de regisseur gewoon nog eens zijn goesting doet, met een kleine cast & crew, alvorens zich te storten op een groter avontuur?

 

Liza Brandt
 
Our spot
rating

Duur: 04 min. | 2017 | Land: België | Regie: | Scenarist: | Producent:

Pieter Coudyzer (Beast!, De Wake) is een bijzondere stem in de kortfilmwereld; zijn animatiefilms zijn stuk voor stuk kleine kunstwerkjes. Dat mag je zelfs vrij letterlijk nemen, want de regisseur schildert zijn beelden analoog alvorens ze in te scannen. Ook Our spot, waarmee hij trouwens voor de zesde keer op het Internationaal Kortfilmfestival Leuven aanwezig is, is een verbluffend stukje cinema.

 

 

Our spot speelt zich af aan het sterfbed van een man. Wanneer hij zijn laatste adem uitblaast, is zijn vrouw getuige van een bijzonder moment. Eén van zijn herinneringen komt tot leven: een plek die voor hem en zijn vrouw erg dierbaar was.

Meer valt er over het verhaal niet te vertellen, want Coudyzers nieuwste kortfilm is vooral een audiovisuele ervaring, of “een rêverie” (dagdroom) zoals hij het zelf noemt. Narratie wordt hier duidelijk ondergeschikt aan poëzie: Coudyzer levert met zijn kortfilm haast een audiovisueel gedicht af. De muziek, gecomponeerd door Ruben De Gheselle, helpt sterk bij het oproepen van de juiste sfeer en emoties.

Vier minuten visuele poëzie.

Door zijn abstracte en poëtische vorm overstijgt de animatiefilm haar eigen plot. Veel laat Coudyzer dan ook over aan eigen interpretatie.  Zo zou je de film ook kunnen beschouwen als een allegorie over hoe de mens opnieuw één wordt met de natuur na zijn dood. Die openheid aan invullingen is net wat films als deze zo mooi maakt. Jammer dat die van Coudyzer een beetje té kort is.

 

Jeroen Van Rossem
 
Teat beat of sex (1-3)
rating

Duur: 04 min. | 2008 | Land: VS | Regie: | Cast: | Scenarist: | Producent:

De serie Big Mouth op Netflix verwoordde met de titel van zijn vijfde aflevering volgens ons het thema van deze kortfilmreeks perfect: “girls are horny too”. In de Netflix-reeks zien we onervaren jongadolescente jongetjes hun hoofd ontploffen bij de gedachte aan geslachtsgemeenschap alleen al -  zelden zagen we een dergelijk hilarisch stukje animatie vanuit een vrouwelijk perspectief. Raar maar waar: nog steeds wordt vaak vergeten dat vrouwen óók seksuele wezens zijn.

Gelukkig heb je van die fillmmakers zoals de Letse Signe Baumane. Zij doet je er op een al even geestige manier aan herinneren dat niet enkel de broek wel eens jeukt, maar de rok evenzeer.

> KIJK ONLINE
 

Teat beat of sex (1-3) rijgt een reeks anekdotes aan elkaar, geregisseerd, geanimeerd en verteld door Baumane zelf. Haar Letse accent geeft de seksverhalen een schattig, bijna naïeve toon; alsof ze een verhaaltje voor het slapengaan voorleest. Zoete dromen zullen het waarschijnlijk niet worden, natte dromen kunnen dan weer wel.

Het drieluik begint met haar angst voor te grote penissen. Die komen, letterlijk, in allerlei maten en vormen komen waardoor Baumane meteen de kracht van animatie aan die van de verbeelding kan koppelen. Ze creëert een anekdote-eiland waar niet alleen de penissen, tepels en vagina’s in hun ‘ware vorm’ rond dartelen, maar ook metaforen voor die plezierorganen vind je er terug. Zo zie je de vagina als theekopje, de penis als aktetas en een zwemvijver (met twee kikkers) om aan te duiden wat er gebeurt als een vrouw opgewonden geraakt.

Baumane’s Teat beat of sex is heel recht door zee; zo eerlijk, dat het grappig wordt. Wat het bovenal goed doet werken, is dat de regisseuse niets vertelt waar de gemiddelde vrouw zich niet in kan verplaatsen. Geen Nymphomaniac, maar ook geen Dokter Bea Show.

Letse seks-les.

Aan het begin van ieder fragment krijg je te lezen dat het ‘expliciet educatief' is. Uiteraard: wie gaat je anders leren dat masturberen kan voorkomen dat je met de foute man trouwt? Of dat het gevaarlijk is om geen ondergoed te dragen als je met je partner op een feestje bent, omdat je zo nat kunt worden dat je de zetel van de gastvrouw ruïneert?

Teat beat of sex mag dan wel klinken als een ludieke aaneenschakeling van een paar van de pot gerukte sketches, maar het is vooral heel fijn om geestige seksuele verhaaltjes vanuit een volledig vrouwelijk oogpunt voorgeschoteld te krijgen. Voor ons mocht het gerust nog wat gedurfder; we kregen het gevoel dat er hier en daar nog wel meer in zat. Misschien maakt het accent het geheel iets komischer dan het eigenlijk is?

Gelukkig tekende Baumane lustig verder, met Teat beat of sex episodes 4-15. Want "girls stay horny too".

 

Ellen Van Hoegaerden
 
Has#tag
rating

Duur: 15 min. | 2017 | Land: België | Regie: , | Cast: , | Scenarist: | Producent: , | Productiehuis:

De grenzen van het heilige tienerdom beperken zich al lang niet meer tot klaslokalen, jeugdhuizen of discotheken. Dan vergeet je de virtuele kantlijn, waar online relaties sinds de jaren tweeduizend bij de vleet worden gesmeed - met dank aan de opkomst van eerst MSN, Netlog en later vele andere 'social media'. Jeugd leert andere jeugd sneller virtueel kennen, in eerste instantie ver buiten de dorpskernperimeter. Hoe dat is geëvolueerd, weet iedereen met een smartphone.

 

> TRAILER

Daaruit ontsproot ook het fenomeen ‘catfishing’, het thema van deze kortfilm. Catfishing komt in vele vormen voor, maar de kern van ieder verhaal is het gebruik van een nep online-profiel waarbij het slachtoffer op verschillende manieren gemanipuleerd kan worden. Dat Has#tag zich afspeelt onder de kerktoren in Hoogstraten toont aan dat het ook een sympathieke Kempendochter kan overkomen. Of deze film dus als waarschuwing dient voor één van de vele lugubere aspecten van het online-leven? Zeer zeker.

Toegegeven, het verhaal is voorspelbaar, maar het werkt net. Dat zal voornamelijk te danken zijn aan Vlaanderens favoriete regiepaar Adil El Arbi en Billal Fallah (Broeders, Black). Het maken van hun nieuwste kortfilm kreeg heel wat aandacht, omdat het duo hun ondertussen aangemeten Hollywoodomgeving tijdelijk inruilde voor de boerenbuiten. Het scenario werd geschreven door enkele studenten, in samenwerking met gevierd jeugdauteur Dirk Bracke. Inderdaad: dezelfde schrijver die het verhaal aanleverde waar Adil en Bilall hun al even gevierde langspeelfilm Black op baseerden.

#NietChill.

Je ziet het leven zoals het is: clichéjeugd. Stiekem roken op de speelplaats, chatten op Facebook, vokda-Redbull drinken en giechelen over knappe jongens. Herkenbaar terrein voor veel tieners, maar aan het donkere decor van de film te merken, wordt al snel duidelijk dat niet alles in peis en vree verloopt. Wat begint als een romantische liefdesmontage in het hoofd van protaganoist Chloe, verandert al gauw in onbehaaglijk tikgedrag. Daarmee is de film van Adil & Bilall actueler dan ooit: ook hier is na enkele minuten sprake van grensoverschrijdend gedrag.

Het verhaal is, volgens de klassieke regels van de kunst, goed opgebouwd. Van de regisseurs zijn we vaak flitsende beelden, geweld en actie gewend, maar Has#tag is veel ingetogener. Het spanningsniveau staat dit keer eerder op een lauw vuurtje – net voldoende om de kijker toch mee te krijgen. Geen buitengewoon dramatische wendingen dus, maar wel met de vinger op de pols: wat hier gebeurt, is niet oké. De sfeer wordt naar het einde toe al even smoezelig als de krochten van het deep web. De herkenbare chattaal van de jongeren in hun online dialoogveld is niet het enige waar je de rillingen van krijgt.

Jammer dat die herkenbare jongerentaal minder tot uiting komt binnen de echte dialogen. Die verlopen eerder stroef en missen behoorlijk wat naturel, waardoor het geheel, hoe relevant ook, te schools aanvoelt. Het lukt Fallah en El Arbi te weinig om los te komen van een wel erg eenvoudig scenario.

'P-p-p-put my head in the ground' horen we de band Equal Idiots (waarvan frontman Thibault broer is van hoofdrolspeler Florian Christiaensen) op het einde op de achtergrond schreeuwen. Maar laten we dat dus net niet doen en het kopje erbij houden als het op online manipulatie aankomt: catfishing is echt "nie chill, gast".

 

Ellen Van Hoegaerden
 
The Day the Dogs Disappeared
rating

Duur: 21 min. | 2017 | Land: België | Regie: , | Cast: , , , | Scenarist: , | Productiehuis:

Na het succes van hun vorige film The Allegory of the Jam Jar, waarmee ze op het Internationaal Kortfilmfestival Leuven van 2015 zowel de Juryprijs, de Publieksprijs als de Humo Award wonnen, is regisseursduo Ruth Mellaerts & Boris Kuijpers dit jaar opnieuw van de partij in Leuven met The Day the Dogs Disappeared.

Dit keer volgen we een welgesteld, blank gezin dat hun leven in elkaar ziet storten nadat hun hond plots verdwijnt.

 

> TRAILER

De makers putten voor hun verhaal inspiratie uit de Brusselse lockdown van november 2015. Het verdwijnen van de hond is slechts een opstapje naar een groter verhaal rond angst en massapsychose. Wanneer blijkt dat er meer honden zijn verdwenen en er twee agenten van de staatsveiligheid tussenkomen, krijgt de nasleep van de verdwijning van hun trouwe viervoeter een vreemde wending. Het gezin wordt geconfronteerd met absurde instructies van de staatsveiligheid, ondervragingen en zelfs quarantainesituaties. Vooral de vrouw des huizes Anna gaat volledig mee in het verhaal van de twee mannen en lijkt zelfs te twijfelen of haar echtgenoot nog steeds dezelfde man is.

The Day the Dogs Disappeared teert op enkele goede ideeën en weet bij momenten een indringende sfeer op te roepen. Toch is het verhaal niet bijster origineel, al proberen Kuijpers en Mellaerts met hun kaf zich van het koren te scheiden door de kijker zo weinig mogelijk antwoorden te geven. Dit zorgt prompt voor de nodige intrige en zit op die manier conceptueel goed in elkaar.

De allegorie van de paranoia.

Kuijpers & Mellaerts’ nieuwse worp bouwt zich in eerste instantie op als een spannende en mysterieuze thriller, met hints naar bovennatuurlijke elementen. Die klinische sfeerschepping wordt enkele keren doorbroken door een aantal absurde elementen die binnen de rest van de film ietwat onjuist aanvoelen. De grootste boosdoeners hiervan zijn de in het roos gehulde agenten van de staatsveiligheid, gespeeld dor bekende koppen Boris Van Severen en Peter De Graef. Zij spelen hun rol overtuiged, maar hun aura voelt aan alsof ze uit een andere film lijken te komen. Het haalt de geloofwaardigheid van de plot naar beneden en breekt hier een bepaalde manier de suspension of disbelief.

Dat heikele punt daargelaten, is The Day the Dogs Disappeared een spannend en knap gefilmd relaas over de kracht van paranoia.

Jeroen Van Rossem
 
Ten meter tower
rating

Duur: 16 min. | 2016 | Land: Zweden | Regie: , | Producent: ,

De Zweedse filmmakers Maximilien Van Aertryck en Axel Danielson fileren met hun korte documentaire Ten meter tower de menselijke natuur op heerlijk simpele wijze. Deze docu is het ultieme bewijs dat narratieve complexiteit geen vereiste is om een entertainend stukje film te maken.

 

Via een online zoekertje vond het regisseursduo zevenenzestig mensen die bereid waren om voor het Zweedse equivalent van ongeveer vijfentwintig euro een tien meter hoge zwemtoren te beklimmen. Het enige directief dat ze meekregen was om naar de rand van het platform te gaan en al dan niet de lange sprong te wagen. Geen enkele deelnemer had ooit eerder vanop zo’n hoogte een plons gemaakt. De participanten werden niet alleen gefilmd door zes camera’s, maar werden ook bekeken door de andere kandidaten die hun beurt (angstvallig?) afwachtten.

Het resultaat verklaart meteen waarom Van Aertryck en Danielson hun films vaak studies noemen. Ten meter tower is een psychologische studie van de mens in een kwetsbare positie. Zullen de deelnemers (al dan niet onder de druk van de camera) hun angst bedwingen en de sprong wagen? Zullen ze hun impulsen onderdrukken en de moed vinden om het bad op te zoeken?

Het is tegelijk ook een sociaal experiment: is de druk van de aanwezige toeschouwers sterker dan hun stresshormonen? Als die zeventigjarige dame springt, dan voelt de stoere bink zich toch verplicht om dat ook te doen? Vaak lijkt het alsof je een engeltje en een duiveltje op hun schouders ziet rusten. Het menselijk beslissingsproces wordt heerlijk verbeeld: kiest hij of zij tegen alle instincten in voor roem of voor publieke vernedering? Ten meter tower toont het gezicht van twijfel op een ingenieuze manier.

De menselijke natuur op geniale wijze gefileerd.

Wanneer enkele deelnemers in duo het duikplatform beklimmen wordt die twijfel nog prangender. De discussie over het potentiële gevaar van de sprong is ludiek en maakt duidelijk waarom deze documentaire de festivalnominaties aan elkaar rijgt: het is zó herkenbaar. Het feit dat de filmmakers gelijkwaardig geïnteresseerd zijn in zowel de springers als de niet-springers maakt dit document juist zo waardevol. Het legt de pure menselijke natuur bloot die cultuur- en genderverschillen overstijgt - daardoor is de film niet louter ludiek, maar ook hartverwarmend.

Het geheel is fraai gemonteerd en wisselt op gepaste momenten af tussen split screens en volledige weergaves. Of: hoe je met een zogezegd simpel concept en zonder enige narratieve houvast een straffe film kan maken.  

 

 

Jannes Callens
 
Maverick
rating

Duur: 20 min. | 2017 | Land: België | Regie: | Cast: , , | Scenarist: , | Producent: | Productiehuis:

De achtjarige Stan etaleert in de openingsscène prompt zijn rijke verbeelding. In bijpassende pilotenuitrusting én met de legendarische roepletters ‘MAVERICK’ op de borst, amuseert de jongen zich kostelijk in een aftands gevechtsvliegtuigje midden in het bos. Hij schakelt ‘de vijandige troepen’ uit door ze met dennenappels te bestoken via het luchtdrukgeweer op het vliegtuigje. Dat de vijand zich manifesteert in de vorm van een everzwijn, of zijn klagende grote zus Emma, bederft zijn pret niet.

Wanneer Stan een ‘vijandig‘ passagiersvliegtuig opmerkt in zijn eigenste luchtruim, vraagt hij zelfs hulp aan een denkbeeldige co-piloot. Hij vuurt naar de spreekwoordelijke indringer maar wordt tegelijkertijd afgeleid door een rondvliegend projectiel. Omdat hij na zijn schot het vliegtuig niet meer in de lucht ziet raakt de kleine Stan er rotsvast van overtuigd dat hij het vliegtuig heeft doen neerstorten. De rake dialoogvorm en spanningsopbouw in deze openingsscène zijn reeds veelbelovend.
 

> TRAILER

Dit alles krijgt meer betekenis wanneer we de thuissituatie van Stan en Emma leren kennen. Het wordt duidelijk dat ze hun vader verloren hebben en dat ze zich samen met hun moeder (een sterke Hilde De Baerdemaeker) voorbereiden op een verhuis. Maar Stan heeft het niet zo gezien op verhuizen. Hij wil liever blijvend herinnerd worden aan zijn vader en koestert alle spullen die hem aan zijn held doen denken.

Het zal je niet verbazen dat de papa ooit F16-piloot was. Daarmee krijgt de imaginaire wereld waar Stan door gefascineerd is een extra dimensie. Voor de jongen is het ‘pilootje spelen’ een vorm van zijn verwerkingsproces. Zus Emma gaat echter geheel anders om met hun tragisch verlies. De twee compleet verschillende manieren om met de moeilijke situatie om te gaan, mengen met elkaar bij de moederfiguur. Aan de ene kant heeft ze het zichtbaar moeilijk om afstand te nemen van haar verleden, maar anderzijds wil ze samen met haar kroost vooruit.

Ode aan kinderlijke fantasie.

Even lijkt de film te veel kanten uit te gaan, maar regisseur Huyghe legt de verscheidene puzzelstukjes verrassend subtiel samen. Het scenario is erg gelaagd en toch bijzonder to the point. Er werd tijdens deze productie duidelijk weinig aan het toeval overgelaten.

Maverick is een ode aan de kinderlijke fantasie als krachtig wapen, als symbolisch communicatiemiddel. Wanneer de realiteit te complex wordt, neemt de verbeelding het over. Maar daar stopt de ambitie van Huyghe en zijn team niet. De film wil via fictie de lans breken voor constructieve dialoog met kinderen over zware, zwarte en tragische thema’s.

De prent wordt getypeerd als kinderfilm en ging in wereldpremière op het internationale kinderfilmfestival in Chicago, maar is allerminst kinderachtig. Maverick is omwille van zijn subtiele doordachtheid en humane boodschap verplicht voer voor alle leeftijden.

 

Jannes Callens
 
A stone left unturned
rating

Duur: 19 min. | 2001 | Land: Finland | Regie: | Cast: , | Producent: | Productiehuis:

In het Scandinavische Noorden krijgt Finland een aparte plek toebedeeld: in het verleden overheerst door Zweden & Rusland, met een complexe taal die maar liefst zestien naamvallen telt én bewoond door een volkje met een excentriek gevoel voor humor (‘It’s not cold outside until vodka freezes!’).

We associëren de humor uit het Noorden doorgaans vooral met zwartgalligheid, zonderlinge ietwat gewelddadige figuren en gortdroge dialogen die niets of niemand ontzien. En dit allemaal zonder veel woorden of psychologie. Slapstick passeert hier en daar wel eens de revue (denk maar aan de films van Anders Thomas Jensen) maar nergens zo hevig als in A stone left unturned van Maarit Lalli.

 

> KIJK ONLINE

Het is niet dat Erkki en Reima de Finse Gaston en Leo zijn - daarvoor zijn de situaties te grimmig en is het scenario van een beduidend beter niveau. Toch loopt de fysieke humor als een rode draad doorheen de film. Je zou A stone left unturned dan ook makkelijk als een aaneenschakeling van sketches kunnen zien, maar dan wel op zo’n manier dat er een duidelijk onderling verband is en een overkoepelende opbouw.

We krijgen een stukje uit het leven van de boer Erkki en zijn zoon Reima te zien, met een sterke focus op hun noodlottige situaties. In de ogen van vader kan zoon niks goed doen en dat leidt niet alleen tot frustraties, maar zelfs tot allesoverheersende haat. Zonder al te veel woorden weet de regisseur zijn twee hoofdpersonages naar een catharsis te brengen en ondertussen de relatie tussen beiden glashelder uiteen te zetten. Hij legt zo een onderhuidse spanning bloot waar moeilijk naast te kijken valt.

Drama genoeg dus, maar wel met de nodige Scandinavische humor waardoor je tegelijkertijd ook hardop zal zitten lachen. De meeste situaties zie je al van ver aankomen, maar het is net in die voorspelbaarheid dat het ware plezier schuilt. Heerlijk, dat bikkelharde maar spaarzame spervuur tussen beide, zonderlinge mannen.

Finse slapstickparel.

Er heerst bovendien een groot jaren ’70-gevoel: alles krijg een puur en idyllische feel, met veel aandacht voor het eenvoudige en eerlijke bestaan in de natuur, ver weg van alles en iedereen. Deze film is als een kijkdoos die ons een blik werpt op het romantisch bestaan dat tegelijk meedogenloos is - net zoals die norse mannen die weigeren om hun emoties te tonen.

Dat Finnen een voorliefde hebben voor de zwaktes en mislukkingen van de mens blijkt ook uit het feit dat ze sinds 2010 elke dertiende oktober ‘Day For Failure’ vieren. Dat ze weten wat humor is, blijkt uit hun erkende nationale sporten: ‘vrouwendragen’, ‘gsm-gooien’, ‘moerasvoetbal’ en ‘rubberbootje-werpen’. Gelukkig maken ze zich zelf niet al te druk om hun volksaard, zo luidt een bekend Fins gezegd: “Fins is dat wat door Finnen tot stand komt” en dat vat het wel zo een beetje samen.

 

Carmen van Cauwenbergh
 
Homesick
rating

Duur: 07 min. | 2017 | Land: België | Regie: | Cast: , , , | Scenarist: | Producent: | Productiehuis:

Je bent gewaarschuwd: het Internationaal Kortfilmfestival van Leuven labelde Joe Vanhoutteghems Homesick dan misschien wel als fictie, maar in feite betreft het een hoogst persoonlijke documentaire waarin hij op gevoelige wijze een levensveranderende gebeurtenis uit zijn verleden reconstrueert. Belangrijk om te weten, zo lijkt ons, want het gegeven dat de kortfilm rond een waargebeurd voorval draait, heeft een grote impact op de kijkervaring.

Het trauma dat de regisseur (die eerder ook al het stevige Rivers return inblikte) in zeven minuten verkent – de kortfilm werd op Canvas getoond in het kader van hun documentairereeks '4x7' – betreft de dood van het zoontje van zijn zus toen Joe slechts zeventien was. Net als zijn andere familieleden was hij gewoon thuis die dag, maar door een samenloop van toevalligheden kon niemand het tragische ongeluk voorkomen. Omdat Joe nog steeds in zijn ouderlijke huis vertoeft, wordt hij dagelijks aan die noodlottige gebeurtenis herinnerd. Hij besloot zijn verhaal te vertellen om de demonen in zijn ziel te sussen.
 

> KIJK ONLINE

Homesick begint met enkele rake observaties over de mechanismen van nostalgie, ons meegedeeld via voice-over door Vanhoutteghem zelf. Weemoedig blikt hij terug op zijn jeugd; samen met de regisseur kijken we mee naar zijn familiefoto’s die een oude diaprojector op de muur werpt. Zijn beschouwingen zijn pijnlijk, maar voelen steeds integer aan. Alhoewel zijn worstelingen met het verleden maar al te duidelijk zijn, is er namelijk ook een onmiskenbare warmte te herkennen. Warmte voor zijn familieleden, maar ook voor zijn jongere zelf, die hij liefdevol spottend tot “een bleiter” doopt.

Wanneer de documentaire overschakelt naar reconstructie maakt Vanhoutteghem gebruik van een sierlijke 16-mm esthetiek. Een slimme keuze, want het verhoogt paradoxaal de authenticiteit van zijn verhaal, gezien de beelden moeilijk te onderscheiden vallen van de oude dia’s. Desondanks blijft het ensceneren van een traumatische gebeurtenis een gewaagde zet die verkeerd kan uitpakken, vooral wanneer exhibitionisme of sensatie de bovenhand krijgen. Maar: het wérkt, mede dankzij de intelligente montage en de cinematografie die de achtergrond te allen tijde flou houdt, zodat de hele sequentie de impressie van een herinnering uit een ver verleden krijgt.

Hoogstpersoonlijke traumadocu.

Voornamelijk de korte tijdsduur blijkt uiteindelijk toch een boosdoener, want het tempo ligt iets te hoog voor de contemplatieve toon die wordt nagestreefd. Ook de muziekkeuze is niet altijd even raak: wanneer Arvo Pärts Spiegel im Spiegel op de klankband klinkt tijdens het destastreuze voorval, voelt dit eerder manipulatief en onhandig aan. Jammer, want het botst stuitend met Vanhoutteghems onverbloemde voice-over.

Een regelrecht schot in de roos is de film dus niet. Desalniettemin moet de regisseur geprijsd worden omwille van zijn enorme moed om zijn trauma te delen met een publiek. De kracht en schoonheid van Homesick schuilen dan ook in de buitengewone eerlijkheid die Vanhoutteghem tentoonspreidt wanneer hij ons een blik laat werpen in zijn getormenteerde ziel. Tijd zalft de wonden, zeggen ze. Hopelijk doet cinema dat ook.

 

Michiel Philippaerts
 
Internationaal Kortfilmfestival Leuven 2017

PALMARES 2017

 

VLAAMSE KORTFILMCOMPETITIE FICTIE:
Prijs van de Jury: May day (Olivier Magis & Fedrik De Beul)
Prijs voor het Beste Debuut: Poor kids (Michiel Dhont)
Prijs van het Publiek: May day (Olivier Magis & Fedrik De Beul)
Prijs voor Beste Acteerprestatie: Thierry Hellin (May day)

Speciale vermelding van de Jury: Remise (Deben Van Dam)
 

VLAAMSE KORTFILMCOMPETITIE DOCUMENTAIRE:
Prijs van de Jury: Girlhood (Heleen Declercq)
 

VLAAMSE KORTFILMCOMPETITIE ANIMATIE
Prijs van het Publiek: Wildebeest (Nicolas Keppens & Matthias Phlips)

 

EUROPESE KORTFILMCOMPETITIE
Prijs van de Jury: Le Bleu Blanc Rouge de mes cheveux (Josza Anjembe)
Prijs van het Publiek: Les Heures-Encre (Wendy Pillonel)
EFA-nominatie van de Jury: Graduation 97 (Pavlo Ostrikov)

 

TE GAST
Humo Award: Hotel mama (Aline Boyen)
Prijs Filmkritiek: Lost in the middle (Senne Dehandschutter)
Pitch Award: Our last days van Sam Gielen & Poumpo van Anthony Tueni

 

VAF WILDARDS
Fictie: Sons of no one (Hans Vannetelbosch) & Poor kids (Michiel Dhont)
Documentaire: Ours is a country of words (Mathijs Poppe) en De Flandrien (Kinshuk Surjan)
Animatie: XYXX (Zander Meykens)
Filmlab: Carry On (Mieriën Coppens)

 


 

Voor de 23e keer al opent het Internationaal Kortfilmfestival Leuven haar deuren tot de Vlaamse kortfilmhemel. De strijd om een gouden lepeltje gaat er bovendien steeds heviger aan toe: nadat het festival al een Oscar- & BAFTA-qualifying status verkreeg, mag het nu ook een nominatie voor de European Film Awards voordragen. Jonge makers willen er dan ook maar al te graag bij zijn, want het festival blijft in Vlaanderen dé filmtalentenjacht bij uitstek.

 

Van 2 tot en met 9 december in het STUK in Leuven.

 

Kortfilm.be is zoals vanouds van de partij om voor de nodige wegwijs te zorgen doorheen het overvolle (!) kortfilmaanbod. We markeren enkele belangrijke namen en opmerkelijke titels uit het programma.

 

Vlaamse competitie(beesten)

Een pas afgestudeerde filmstudent die met haar/zijn film niét op het Internationaal Kortfilmfestival Leuven wil pronken, die liegt. Het festival is voor een jonge (Vlaamse) filmmaker dé uitgelezen kans op erkenning en de ideale plek om een carrière voor je film te lanceren. Bovendien strijden studentenfilms er meteen mee tussen die van de professionals; van een gloeiende start gesproken.

 

Ook dit jaar is dat niet anders. Fictiekortfilms van gevestigde waarden zijn er bij de vleet, met o.a. Has#tag van Adil El Arbi & Billal Fallah (Broeders, Black), Remise van Deben Van Dam (dé prijzenslokop in 2013 met De weg van alle vlees), The Day The Dogs Disappeared van regisseursduo Ruth Mellaerts en Boris Kuijpers (The Allegory of the Jam Jar - goed voor Jury-, Publieks- én de Humo-prijs twee jaar geleden), Saint Hubert van Jules Comes (Pelgrim, Dit is Ronald), Petit Ami van Anthony Schatteman (Dag Vreemde Man, Kus me zachtjes, Volg mij), Out of the Blue, Into the Black van het duo Alidor Dolfing (Wien for life) en René en Viviane van Guy Thys (die eerder het Oscargenomineerde Tanghi Argentini maakte).

 


 

 

Stevige kleppers waar nieuwbakken talent uit verschillende Vlaamse filmscholen niet voor moeten onderdoen. Vanonder het RITCS-dak komen onder meer Ines Eshun (Het Leven van Esteban) en Aline Boyen (Hotel Mama) piepen. KASK vaardigt o.a. Michiel Dhont (Poor Kids) en Sophie Kurpershoek (Al was het maar voor even) af en vanuit Sint-Lukas Brussel komen Hans Vannetelbosch (Sons of no one) & Pegah Moemen Attare (Ce qui demeure) voort.

 

Op het eerste zicht lijkt de Vlaamse Fictie-competitie nog zo goed als open te liggen. Sons of no one won tijdens Film Fest Gent reeds de Publieksprijs en Michiel Dhont’s Poor kids kreeg er een 'speciale vermelding' van de jury - maar verder garandeert dat uiteraard niets. Opvallender is wel: Saint Hubert van Jules Comes werd voor heel wat verschillende "privé"-selecties op het festival uitgenodigd, zoals de Humo-avond, de Keuze van Canvas en onze eigen Kortfilm.be-avond. Lonkt daar ergens een prijs?

 


Wim Opbrouck in Saint Hubert (dir. Jules Comes)

 

Naast Vlaamse live-action is er ook een luik volledig gewijd aan animatie. Pieter Coudyzer is, na vorig jaar en menig malen daarvoor, opnieuw van de partij. Zijn betoverende beestenfilm Beast! volgt hij op met de film Our spot. Verder is het binnen de cirkel van professionals vooral ook uitkijken naar twee films van productiehuis Animal Tank: The Ape Man en Wildebeest.

 

Geanimeerd studentenwerk komt verder grotendeels uit de RITCS-stal, met films van Jef Dehouse (Serenitas, ook geselecteerd voor Film Fest Gent dit jaar), Pauwel Nomes (Cookie!, vorig jaar ook geselecteerd met Kiekenfretter), Zander Meykens (XYXX, vorig jaar geselecteerd met Praline), Olivia Derie (Painted) & Inge Van der Veen (Achoo) - stuk voor stuk hier al kort besproken.

 


The Ape Man (dir. Pieter Vandenabeele)

 

Terug van lange tijd weggeweest, maar meteen sterk ingezet, is de competitie voor korte Vlaamse Documentaire; zes korte docu’s dingen mee naar een juryprijs. Een straffe selectie alvast met RITCS-producten Maregrave (Justine Cappelle, eerder ook al te zien tijdens Filmfestival Oostende), Girlhood (Heleen Declercq, werd ook voor Film Fest Gent geselecteerd - lees hier een interview met de regisseur) en Sons of the Wild (Yannis Van den Ecker). Daarnaast ook nog IDFA-geselecteerd werk van Nina Landau (LON) en een nieuwe film van gevestigde filmmaakster Frederike Migom (Si-G, lees hier een interview met de regisseur).

 

Alsof dat nog niet voor genoeg wedijver zorgt, worden er op het einde van de rit uiteraard ook nog de VAF Wildcards uitgedeeld. Veelal staan die garant voor de lancering van een mooie carrière in het vak. Eerdere winnaars die dit jaar hun nieuwe films komen voorstellen zijn Deben Van Dam (eerst: De Weg Van Alle Vlees, nu: Remise) en Miwako Van Weyenberg (eerst: Hitorikko, nu: Zomerregen)

 

***

 

Internationale topselectie

Na drieëntwintig jaar rijkt de naam en faam van het IKL ondertussen ver buiten onze eigen landsgrenzen heen. Binnen de Benelux is het festival bovendien het énige kortfilmfestival dat mee kiest voor zowel de Oscars, de BAFTA’s, als de European Film Awards. Ook voor de Europese filmmakers staat er dus vanalles op het spel. Zowel de Oscargenomineerde kortfilms (o.a. Gouden Palm-winnaar Timecode), als de EFA-genomineerde kortfilms (o.a. Love) van 2017 kan je op het festival gaan bekijken.

 

De Europese Competitie biedt een erg straffe staalkaart aan van de beste kortfilms van het afgelopen festivalseizoen. Het selectiecomité koos dit keer opvallend voor minder vanzelfsprekende films. Zo kan je er terecht voor een heuse halfuur-durende actiemusical (Hard Way – The Action Musical), een contemplatief stadsdocument (L’été espéré) en het gewaagde Les îles van regisseur Yann Gonzalez, met knipogen naar fetishfilmers Lynch en Carax.

 


Les îles (dir. Yann Gonzalez)

 

Op hetzelfde gedurfde elan wordt er naast een indrukwekkende selectie internationale animatiefilms (o.a. Blind Vaysha, The Wrong End of the Stick en Fox and the Whale) ook een reeks “sexy” kortfilms onder de noemer Sexy Nations vertoond: een resem films om rode oortjes van te krijgen. Daar is onder andere plaats voor Tram (Tsjechië), Cipka (Polen), Teat Beat of Sex (Signe Baumane), de Berlinale-prent Moms on Fire (Joanna Rytel) en 69Sec (van Laura Nicolas, eerder ook al te zien op het Brussels Short Film Festival & Anima).

Bovenal zijn er heel wat Europese kortfilms die ondertussen samen een dik gevulde prijzenkast bij elkaar hebben gespaard. Niet te missen in die categorie zijn het politieke & actuele Le Bleu Blanc Rouge de mes cheveux (Frankrijk), het geïmproviseerde, maar hartverscheurende liefdesdrama Forever Now (Denemarken), het pientere Backstory (Duitsland), het sociaal-realistische Scris/nescris (Roemenië) en het hippe Copa-loca (Griekenland).

 

Iets meer experiment vind je terug in The Labo-sectie, met toppers zoals Green Screen Gringo (Nederland) en Ten Meter Tower (Zweden) – beiden ook te zien tijdens de Kortfilm.be-avond op vrijdag 8 december.

 


v.l.n.r.: Ten Meter Tower (dir. Maximilien Van Aertryck & Axel Danielson) & Green Screen Gringo (dir. Douwe Dijkstra), beiden te zien tijdens de Kortfilm.be-avond.

 

Mogen we ten slotte ook niet vergeten: straffe Waalse films horen in Leuven traditiegetrouw thuis binnen de Europese selectie. Les osselets van Elodie Bouédec en Paul est là van Valentina Maurel (dat dit jaar ook geselecteerd was binnen de studentencompetitie van het festival van Cannes, lees hier een interview met de regisseur) zijn dit jaar de afgevaardigden van aan de andere kant van onze taalgrens.

 

***

 

In focus & in thema

Ten slotte: een driedubbele focus dit jaar. Twee juryleden (uit de Vlaamse competitie) krijgen een extra spotje op hun gezicht. Gilles Coulier, die dit jaar met zijn allereerste langspeelfilm op de proppen kwam, mag zijn ijzersterke kortfilms nog eens vanonder het stof halen (én toelichten bovendien, tijdens een mastertalk op dinsdag 5 december). Ijsland, Paroles en Mont Blanc worden voor de gelegenheid aangevuld met muziekvideo’s die Coulier maakte voor Liesa Van der Aa (die ook de muziek in zijn langspeelfilm Cargo verzorgde) en Loïc Nottet.

 

Een graag geziene acteur bij masterstudenten sinds jaar en dag is (dit jaar ook jurylid) Flor Decleir. De vier kortfilms waarin hij overtuigend zijn kunnen toont zijn De Broers van Bommel, Aller-retour, In de Naam van de Kater en De weg van alle vlees.

 

 


Fucking Bunnies (dir. Teemu Niukkanen)

 

En dan is er nog ééntje jarig ook. Finland viert dit jaar haar 100e verjaardag - de ideale gelegenheid dus om enkele Finse klassiekers op een piédestal te plaatsen. Met twee programma’s van anderhalf uur worden er heel wat toppers uit de Finse cinemageschiedenis doorheen de projectiemolen gesleurd – mis zeker Rare Exports Inc., A Stone Left Unturned en het recentere Fucking Bunnies niet. Om helemaal in de Finse sfeer te komen (of te blijven), kan je bovendien ook plaatsnemen in de festivalsauna en van daaruit enkele kortfilms meepikken.

 

Van zweten in de sauna naar (t)rillen bij de Thrilling Shorts. Nóg een thema-programatie: spannende Vlaamse kortfims die je tot het puntje van je stoel brengen. We spreken over Alles voor de film (Lukas Buys), De Vijver (Jeroen Dumoulein), Empire (Kristof Hoornaerts), Lilith (Maxim Stollenwerk) en Saint Hubert (Jules Comes). 

 

Last but actually first waren er vele, vele belangrijke kortfilms die mee de geschiedenis van de cinema hebben gekneed. Net als een aantal jaar geleden vertoont het festival vier programma’s boordevol ‘milestones in short film history’. Van Le voyage dans la lune (1902) over Meshes of the afternoon (1943) naar La jetée (1962) tot The Bloody Olive (1996). Absoluut de moeite voor elke cinefiel!

 

 

***

 

 

Kan je na onze uiteenzetting nog steeds niet kiezen? Begrijpelijk. Daarom selecteerden wij een 'best of' van deze festivaleditie. We stellen die voor tijdens de Kortfilm.be-avond op vrijdag 8 december, om 20u in de Labo-zaal van het STUK in Leuven - je kan er gratis bij zijn, stuur een mailtje naar info@kortfilm.be!

 

 

 

 

Alle verder info & tickets over het festival vind je via www.kortfilmfestival.be!


Niels Putman

 

Pages

Subscribe to K.U.T Film & KORTFILM.BE RSS