Take good care of my baby
rating

Duur: 33 min. | 2017 | Land: België | Regie: | Cast: , | Scenarist: , | Productiehuis: ,

Take good care of my baby is een joint venture van regisseur Nicolas Daenens en schrijfster An De Gruyter. Samen met de sociaal-artistieke organisatie kleinVerhaal en Samenlevingsopbouw West-Vlaanderen gingen ze aan de slag in De Nieuwe Stad, een verouderde sociale woonwijk in Oostende. In de volksmond wordt de wijk soms ook wel eens minder lovend de Apenplaneet genoemd.

 

 

Daenens regisseerde eerder al de positief onthaalde kortfilms A day in a life en 27. Door zijn schouders onder dit project te zetten, keert hij terug naar zijn geboortestad. Zijn nieuwe film is duidelijk met veel enthousiasme en toewijding gerealiseerd; je voelt de gedrevenheid van de buurtbewoners die voor de gelegenheid tot acteurs worden gedoopt.

Helaas stelt het resultaat op kwalitatief vlak zeer teleur. Het scenario is veel te braaf, de acteerprestaties allesbehalve geloofwaardig en de film passeert aan een wel zeer gemoedelijk tempo. Bovendien: de bruuske cameravoering, die ongetwijfeld het documentaire-gevoel moest versterken, zorgt na enige tijd eerder voor ergernis – een goedkope truc waar een getraind oog niet intrapt. 

Sociaal-artistiek project kan als kortfilm niet overtuigen.

Qua stijl en problematiek herinnert deze film ons aan het Britse sociaal-realisme van bijvoorbeeld Andrea Arnold (Fish tank) en Ken Loach (I, Daniel Blake & Kes). Het is dan ook met naakte observatie dat Daenens het waardevolste uit zijn film puurt: kind smeert boterham, broer & zus spelen Playstation. Maar die kortstondige momenten zijn makkelijk op één hand te tellen.

Als sociaal-artistiek project lijkt dit alles geslaagd. Mede dankzij het productieproces en de relevante thematisering rond kansarmoede verdient de film haar bestaansrecht. Maar: hoort zo’n film thuis in de Vlaamse competitie op het Internationaal Kortfilmfestival Leuven?

 

Liza Brandt
 
Al was het maar voor even
rating

Duur: 30 min. | 2017 | Land: België | Regie: | Cast: , | Scenarist: | Producent: | Productiehuis: | Filmschool: KASK

Een reeks kleurrijke vlaggen die op een ruw, winderig stukje kust zorgvuldig aan elkaar worden gebonden door een jonge twintiger: met dit intrigerend beeld begint Sophie Kurpershoeks KASK-afstudeerwerk Al was het maar voor even.

De jonge vrouw heet Astrid. Ze lijkt een kluizenaarsleven te leiden op deze prachtige verlaten plek, temidden de natuur en los van de tijd. Slapen doet ze in haar auto, overdag houdt ze zich bezig met land art.

 

 

Rustige beelden in warme kleuren, met dank aan director of photography Xavier Van D’huynslager, laten de kijker zich meteen aanpassen aan het trage tempo en de eenzaamheid waarin de jonge kunstenares leeft. Tot ze Emily ontmoet, die toevallig in de buurt is voor een niet nader genoemd wetenschappelijk project.

Op het eerste zicht zijn de twee meisjes heel verschillend: Belgisch en Nederlands, kunstenares en onderzoeker. Toch klikt het meteen en zien we ze al snel met elkaar dollen in een paar geestige scènes. Emily is voor Astrid echter ook een element van de ‘echte wereld’ die ze ontvlucht is. “Ik wil alles, maar ik kan niets.” Met een antwoord dat van de dialoog bijna een gedicht maakt, bevestigt Emily de kloof die tussen hen twee bestaat.

Liefde tussen twee meisjes in zwoele slow cinema.

Hierna verliest de film voor het eerst wat aan kracht. De abrupte verandering contrasteert met de zorgeloosheid van de eerste twintig minuten. Deze kanteling in tempo, in combinatie met de vrij lange tijdsduur van de hele film, zorgen ervoor dat het als kijker niet makkelijk is om je aandacht niet te laten verslappen.

Een halfuur heerlijke slow coming-of-age-cinema, met een vleugje La vie d’Adèle, is deze film echter wel. Over liefhebben & vrijen, maar ook over eenzaamheid en uit elkaar groeien. Met open, oprecht acteerwerk door Charlotte De Bruyne (Little black spiders) & Sallie Harmsen en een erg sterke cinematografie die doet verlangen naar zwoele, zorgeloze zomerdagen.

 

Jana Dejonghe
 
Silent campine
rating

Duur: 15 min. | 2017 | Land: België | Regie: | Cast: | Scenarist: | Producent:

Silent Campine vertelt het verhaal van Juul (Brecht Dael) en zijn vader (Jurgen Delnaet), nadat deze laatste getraumatiseerd teruggekomen is van de Eerste Wereldoorlog. Verbitterd en hardnekkig (over)leeft hij voort, met een diepe minachting voor iedereen die welvarender is dan hij. Samen jagen ze en zorgen ze voor Juuls moeder, die ziek te bed ligt in hun armetierige houten huisje. Weinig kansen voor Juul om in op te groeien, met alle gevolgen van dien.

 

> TRAILER

Geypens scoorde internationaal reeds met Hold Back, een drama waarvan we veel herkennen in zijn nieuwe film. Opnieuw voert de regisseur een spanning op tussen een drietal personages en krijgen we een zeer sterke beeldvoering. Waar zijn vorige kortfilm nog wat aan bedreven acteerwerk mankeerde, doet de cast het hier pakken beter. Vooral de jonge acteur Brecht Dael (Vliegende ratten) - op zo’n jonge leeftijd al zo’n karakterkop! - weet zeer te overtuigen.

Historisch drama tussen vader & zoon.

Silent Campine is een stilzwijgend, zwaar en eerder klassiek drama geworden waarin fysiek en mentaal geweld de scepter zwaaien. Het feit dat Geypens zijn verhaal kadert rond de reeds (te) veelbesproken en -herinnerde Eerste Wereldoorlog, was eigenlijk helemaal niet nodig.

Toch weet hij de aandacht vast te houden door de film goed te laten passen qua lengte, te choqueren en het geheel netjes op haast Shakespeariaanse wijze af te werken.

 

Jana Dejonghe
 
RIOT
rating

Duur: 13 min. | 2017 | Land: Frankrijk | Regie: | Scenarist: | Producent: | Productiehuis:

Een zwarte jongeman baant zich nietsvermoedend een weg door een wijk die in de gaten wordt gehouden door een overijverige buurtwachter. Zijn huidskleur alleen is voldoende voor de bewaker om de politie te alarmeren. Wanneer de racistische politiemannen arriveren duurt het niet lang vooraleer de kerel genadeloos wordt vermoord. Onrecht is geschied.

 

> TRAILER

De geschiedenis heeft regisseur en kunstenaar Frank Ternier (i.s.m. zijn collectief Ideal Crash) helaas voldoende inspiratiebronnen verschaft. Racistisch politiegeweld heeft de laatste jaren menig tragedies voortgebracht en tal van families uiteen gerukt. Maar de Franse kunstenaar is vooral geïnteresseerd in de vraag: hoe reageren we als verontwaardigde burgers op dit soort onrecht?

RIOT kan gezien worden als een artistiek onderzoek naar de mogelijke manieren om frustratie en woede te kanaliseren. De meest prangende vraag die erin naar voor komt is: kan het aangedane onrecht geweld legitimeren? Wanneer woorden geen sikkepit uithalen, wat zijn dan nog de wapens van de verontwaardigde massa? Uiteindelijk zweert Ternier toch het geweld af en grijpt hij naar een krachtig wapen dat hij door en door kent: kunst. Via hip-hop-dans, in casu de in Los Angeles ontstane ‘Krumping’-stijl, uiten de verontwaardigden hun frustratie.

Mixed media met sociale boodschap.

Ook vormelijk is Terniers nieuwste project een onderzoek. Hij maakt zowel gebruik van fraaie animatie, alsook van foto’s en live-action-beelden. Als je nog niet overtuigd bent door de stijlvolle compositie van de echte beelden, zal de krachtige animatie je wel doen smelten.

Verwacht echter geen sluitend narratief, maar eerder een fragmentarisch kunsstukje dat de kokende energie van de hoofdpersonages resoneert. Het enige wat je Ternier kan verwijten is dat zijn uitzonderlijk interessante vormexperimenten je als kijker bij wijlen afleiden van zijn beoogd sociaal manifest. En toch: RIOT is een zeer geslaagde, stilistische mixed media-oefening met een ongelofelijk relevante sociale boodschap.

 

Jannes Callens
 
Saint Hubert
rating

Duur: 22 min. | 2017 | Land: België | Regie: | Cast: , , | Scenarist: | Producent: | Productiehuis:

In één van de openingsshots van Jules Comes’ Saint Hubert vliegt een imposante roofvogel in slow motion door een Ardens woud op het bombastische gedreun van Oostenrijks componist Franz von Suppé. De toon is gezet.

Het is echter maar één van de vele beelden in deze eclatante openingsscène, die oogt als een dynamisch fresco waarin de sacrale én macabere eigenschappen van Moeder Natuur op een oogstrelende wijze worden tentoongespreid. Een kleine tor schuifelt traag over schors, een nest everzwijnen slurpt van een kabbelend beekje en… Wim Opbrouck kuiert op zijn doodse gemak door de varens. Even later staat hij met zijn laarzen in een stroompje en maakt hij in zijn schrift aantekeningen over het gebladerte van zijn bos.

 

> TRAILER

Zíjn bos, want Comes castte de struise rasacteur als beschermengel van de natuur; een moderne reïncarnatie/interpretatie van de titulaire patroonheilige. Volgens de legende ging deze Hubert(us) op Goede Vrijdag jagen – not done, natuurlijk - toen hij plots oog in oog kwam te staan met een hert met een lichtgevend kruis tussen het gewei. Hij bekeerde zich prompt tot het Christendom.

LUCA-alumnus Comes gaf zichzelf gelukkig de vrijheid om deze eeuwenoude parabel te bewerken naar een eigentijds wraakverhaal over de clash tussen de moderne wereld – gekenmerkt door zijn arrogantie, onbegrip en onkunde – en de natuur.

Het plot is simpel: wanneer een federaal Belgisch politiekorps tijdens een speurtocht de bossen in de Belgische Oostkantons uitkamt, stoten ze al snel op een ietwat weerspannige boswachter. De verwaande politiecommissaris (een sterke Wouter Hendrickx) heeft echter maar weinig geduld voor de groezelige man. Al snel escaleert het conflict.

Oude legende vakkundig omgekneed tot sfeervol wraakverhaal.

Wat meteen opvalt is dat de regisseur deze confrontatie tussen de twee tegenpolen voornamelijk aanwendt om via stilistische gewelduitbarstingen de oude legende om te kneden tot een sfeervolle thriller, terwijl de onderliggende thematiek op de achtergrond wordt geschoven ten voordele van vooral indrukwekkende visuals. Credit where credit’s due: director of photography Grimm Vandekerckhove (Perfect Darkness, Guest, Copain) - één van de interessantste cinematografen in het Vlaamse kortfilmcircuit - laat zich wederom opvallen. Zijn talent wordt bovendien extra in de verf gezet door Comes’ keuze om vorm resoluut boven inhoud te plaatsen.

De kijker die op zoek is naar psychologische diepgang en narratieve gelaagdheid is eraan voor de moeite. In een interview met Humo haalde de regisseur al lachend Rambo aan als inspiratiebron en dat is te merken. De film ontaardt namelijk in een reeks excessieve vuurgevechten – steeds gedraaid in fetisjistische slow motion – bijgestaan door luide en dramatische klassieke muziek. Een lust voor het oog dus, maar helaas ontsiert deze overdaad ook de kracht van het einde. De kortfilm voelt bijgevolg een tikkeltje te veel als een stijloefening aan. Tijdens de eindgeneriek kan je dan ook niet anders dan jezelf afvragen wat de talentvolle regisseur en zijn team zouden doen met een scenario dat durft te graven.

Niettemin verveelt Saint Hubert geen seconde en weet Comes precies wat hij wil: een sensationele rit van begin tot einde die overloopt van de visuele pracht en een broeierige, onderhuidse spanning. De film werd bovendien reeds geselecteerd voor verschillende festivals in het buitenland (o.a. Leeds, Warschau, Bratislava). Iets zegt ons dat deze boze boswachter nog niet is uitgeraasd.
 

Michiel Philippaerts
 
Ivan's need
rating

Duur: 06 min. | 2015 | Land: Zwitserland | Regie: , , | Cast: , ,

Het dagelijkse leven zit vol met triggers die voor een zekere staat van opwinding kunnen zorgen. Je kan geprikkeld worden door een willekeurig, aantrekkelijk persoon op straat, terwijl anderen het voelen tintelen vanbinnen wanneer ze een zijden pyjama aantrekken. Qua seksuele beroering is er voor ieder wel wat wils en over de persoonlijke pleziertjes van een ander gaan we niet oordelen. Wel over die van Ivan in Ivan’s need

> KIJK ONLINE

In deze korte animatiefilm krijgt bakkersleerling Ivan rode oortjes van een wel zeer plastisch, zacht en plakkerig goedje: deeg. Lijkt gek (is het ook), maar toegegeven: er gaat bij het kneden van zo'n papje wel een seksuele connotatie schuil.

Dat zal het regietrio Montaño, Leuenberger en Suter dan ook niet zijn ontgaan. Dit collectief studeerde met Ivan’s need af aan de Luzern Hogeschool in Zwitserland, nadat het idee ontstond om een lange sjaal in te ruilen door een stel XL-borsten. In de film laat een vrouw bijgevolg Rapunzel-gewijs haar ‘balkon’ enkele etages naar beneden hangen om zo haar brood naar boven te kunnen hijsen. Leutig is het zeker, waardoor deze 2D-animatie een kleurrijke allegaartje aan dubbelzinnigheden is geworden.

Deeg-elijke animatie.

Ivan doet er alles aan om het deeg ervan te behoeden een krokant geheel te worden. Zijn obsessie is lekker gek en vormt dan ook de aandrijvingskracht van het verhaal. Het gesatureerde kleurpalet van de film geeft vorm aan zijn lusten: zijn seksuele ontpopping wringt zich visueel letterlijk in allerlei bochten – genot neemt daarbij vaak de bovenhand.

Vooral ook geluidstechnisch werkt Ivan’s need prima: met veel aandacht voor penetrerende kreuntjes en natte klanken wanneer Ivan op zijn deegnoden inspeelt.

Het broodje van Ivan’s need is uiteindelijk niet helemaal gebakken. De textuur van het zachte deeg mag in zijn fantasie nog wel gelijkstaan aan de zachtheid van een vrouwenlichaam, maar die metafoor houdt verder weinig steek. Bovendien is Ivan eigenlijk ook een beetje eng, evenals de manier waarop Mrs. Robinson haar genot quasi afdwingt. Geen hoogvlieger dus, wel een leuk tussendoortje.

 

Ellen Van Hoegaerden
 
Botanica
rating

Duur: 13 min. | 2017 | Land: Nederland | Regie: | Cast: , | Scenarist: , | Producent:

Wat het begint lijkt van een idyllisch Adam & Eva-verhaal, ontaardt al snel in een bittere nachtmerrie. Het openingsshot vol kleurrijke bloemen, weelderige planten en een verliefd naakt koppel doet vermoeden dat we ons te midden een afgelegen exotisch oord bevinden. Niks wijst erop dat wat we zullen zien zich eigenlijk afspeelt in een vochtig, doordeweeks tuincentrum, dat zich meestal langs een minder exotische steenweg bevindt.

Zo worden we in het erg sfeervolle Botanica meteen op het verkeerde been gezet; één eerste van vele illusies die doorprikt zullen worden.

 

> TRAILER
 

Een jong koppel, werkzaam in het tuincentrum, probeert een kind te krijgen. Dit gaat echter minder vlot dan verwacht. Terwijl ze aan het begin nog stralen van jeugdigheid en hoop, lopen ze er al gauw als verlepte planten bij. Zo raken ze geïsoleerder van elkaar en verloopt de seks steeds stroever. Wanneer de vrouw geconfronteerd wordt met baby’s in het tuincentrum en ze zichzelf weerspiegeld zien in een ander jong verliefd koppel, neemt de man een radicale keuze.

Noël Loozen weet met zijn personages een zekere tristesse op te wekken. Het gevoel van eenzaamheid en frustratie wordt bovendien pijnlijk tastbaar gemaakt. De cynische humor die voortdurend onder de verhaallijn schemert, maakt het geheel des te schrijnender. Als toeschouwer betrap je jezelf erop te lachen met een situatie die eigenlijk door en door triestig is.

Tragedie in de Tuin van Eden.

De Tuin van Eden met zijn prachtige kleurexplosies, die bij aanvang wordt gecreëerd, moet plaatsmaken voor een grimmig vervolg. Weinig subtiel slaat Loozen ons om de oren met seksuele verwijzingen en dubbele bodems, waardoor we ons moeiteloos in het pijnlijke van de situatie kunnen verplaatsen. Het is een beeldtaal die zonder veel omwegen duidelijk maakt waar beide personages naartoe willen: een finale met een groteske climax.

Een mens legt zich moeilijk neer bij zijn beperkingen en is tot veel in staat om deze te overwinnen. Nog liever opent hij een doos van Pandora, dan het geluk elders te gaan zoeken. Dat Loozen zijn tragedie uiteindelijk danig stijlvol en origineel verbeeldt, onderstreept de noodlottige ambiguïteit van dat alles.

 

Carmen van Cauwenbergh
 
The death of an insect
rating

Duur: 07 min. | 2010 | Land: Finland | Regie: ,

“We set out to create a dance film with dead bugs as the protagonists”. Zo gezegd, zo gedaan. Vrolijk word je niet van dit duister visueel experimentje, waarin dode insecten door een desolaat landschap zweven. Finnen staan dan ook niet bekend als onvermoeibare lolbroeken en, toegegeven, dit macabere ballet is wel beklijvend.

 

> KIJK ONLINE

Regisseurs Hannes Vartiainen en Pekka Veikkolainen gebruikten echte insecten, die ze vonden in stoffige tuinhuisjes, in grijzige spinnenwebben en op verwaarloosde zolders. Ook enkele antieke vlinders die decennia geleden werden opgezet en tentoongesteld in een glazen bak, kregen een rolletje.

De poëtische film kwam uit in 2010, maar de eerste voorbereidingen dateren al van 2006. De makers gebruiken verschillende animatietechnieken door elkaar, waaronder stop motion en geanimeerde 3D-modellen van gefotografeerde en “ingescande” insecten. Daarvoor stuurden ze onder meer vliegen en motten op naar de Universiteit van Gent, waar een excellente X-ray scanner zijn werk deed. Voor de geïnteresseerden: in een making of video doen ze hun hele werkwijze uit de doeken.

Beklijvend macaber ballet met dode insecten.

Als toeschouwer zie je insecten in waanzinnig gedetailleerde close-ups, maar net zo goed in totaal onnatuurlijke choreografieën. Rijen insecten lijken wel een DNA-spiraal te vormen of een ruggenwervel, terwijl de 'solo’s' qua dramatiek kunnen wedijveren met die van de beste menselijke ballerina’s. De afwisselende soundtrack van Joonatan Portaankorva is nu eens nostalgisch als een muziekdoosje, een circusdeuntje of een oude legermars, dan weer donker en onpersoonlijk. Een technisch hoogstandje voor liefhebbers van het fijnmazigere werk.

 

Sofie Rycken
 
Petit ami
rating

Duur: 16 min. | 2017 | Land: België | Regie: | Cast: , | Scenarist: | Producent:

Iedereen die af en toe de trein neemt van of naar Gent heeft zijn oog al eens laten vallen op het rendez-vous hotel Ptitami dat, met behulp van cupido’s en neonverlichting, makkelijk de aandacht trekt. Voor zijn laatste kortfilm heeft Anthony Schatteman (ondertussen een vaste waarde op het Internationaal Kortfilmfestival Leuven) deze opmerkelijke locatie kunnen strikken.

Net als in zijn vorige films Kus me zachtjes en Volg mij gaat Schatteman aan de slag met acteur Ezra Fieremans (Jasper). In dit slotstuk van het drieluik is het niet meer Jasper, maar zijn tegenspeler die worstelt met zijn emoties. 

 

 

We herkennen meteen de stijl van de regisseur: ook Petit Ami begint met een sterke openingsscène gemonteerd op een catchy nummer. Ditmaal geen schlagerlied, maar wel ‘Only You’ van Steve Monite: een geniale Nigeriaanse funksong die steeds vaker opduikt sinds Frank Ocean er eerder dit jaar een cover van bracht. Het resultaat is een ritmische montage van pendelaars die zich rondom station Gent-Sint-Pieters verplaatsen.

Als een geleerde courtisane schenkt Jasper een glas champagne voor zijn klant in, die hem uttele minuten eerder met een hoop opgekropte frustatie heeft geneukt. Zijn klant (Thomas Ryckewaert) kan minder goed verstoppen dat ook hij geschrokken is van zijn eigen manier van aanpak – als een geslagen hond klinkt hij mee “op Jezus zijn verjaardag” (dixit Jasper). Doorheen de film komen we steeds beter te weten wat precies de zorgen zijn die de man met zich meedraagt.

Funky gay.

Gretig maakt Schatteman gebruik van de mogelijkheden die de locatie biedt: de spiegels worden optimaal benut in een spel van kijken en bekeken worden. Ook als toeschouwer neem je daaraan deel: het voyeurisme wordt vormelijk beklemtoond door het afgeronde 4:3-kader (denk viewfinder) waardoor we de film te zien krijgen. In combinatie met een camera die de personages dicht op de huid zit, wordt er een intieme en bevreemdende sfeer gecreëerd.

Schatteman kiest net als in zijn eerste kortfilm voor een focus op slechts twee personages. Petit Ami wordt zo een hele pure film waarbij vooral vormelijk geëxperimenteerd wordt - de verhaallijn schuift hierdoor helaas wat naar de achtergrond. Een kortfilm waarin de regisseur gewoon nog eens zijn goesting doet, met een kleine cast & crew, alvorens zich te storten op een groter avontuur?

 

Liza Brandt
 
Our spot
rating

Duur: 04 min. | 2017 | Land: België | Regie: | Scenarist: | Producent:

Pieter Coudyzer (Beast!, De Wake) is een bijzondere stem in de kortfilmwereld; zijn animatiefilms zijn stuk voor stuk kleine kunstwerkjes. Dat mag je zelfs vrij letterlijk nemen, want de regisseur schildert zijn beelden analoog alvorens ze in te scannen. Ook Our spot, waarmee hij trouwens voor de zesde keer op het Internationaal Kortfilmfestival Leuven aanwezig is, is een verbluffend stukje cinema.

 

 

Our spot speelt zich af aan het sterfbed van een man. Wanneer hij zijn laatste adem uitblaast, is zijn vrouw getuige van een bijzonder moment. Eén van zijn herinneringen komt tot leven: een plek die voor hem en zijn vrouw erg dierbaar was.

Meer valt er over het verhaal niet te vertellen, want Coudyzers nieuwste kortfilm is vooral een audiovisuele ervaring, of “een rêverie” (dagdroom) zoals hij het zelf noemt. Narratie wordt hier duidelijk ondergeschikt aan poëzie: Coudyzer levert met zijn kortfilm haast een audiovisueel gedicht af. De muziek, gecomponeerd door Ruben De Gheselle, helpt sterk bij het oproepen van de juiste sfeer en emoties.

Vier minuten visuele poëzie.

Door zijn abstracte en poëtische vorm overstijgt de animatiefilm haar eigen plot. Veel laat Coudyzer dan ook over aan eigen interpretatie.  Zo zou je de film ook kunnen beschouwen als een allegorie over hoe de mens opnieuw één wordt met de natuur na zijn dood. Die openheid aan invullingen is net wat films als deze zo mooi maakt. Jammer dat die van Coudyzer een beetje té kort is.

 

Jeroen Van Rossem

Pages

Subscribe to K.U.T Film & KORTFILM.BE RSS