Verslag

Lichting 2019: RITCS

Een eerste lading afstudeerwerken uit de Royal Institute for Theatre, Cinema & Sound in Brussel.
Lichting 2019
20.06.2019 Kortfilm.be-redactie

Vorig jaar leverde RITCS een uitzonderlijk straffe reeks afstudeerfilms af, met onder meer hoogvliegers zoals ‘Provence’, ‘Bamboe’, ‘Botvieren’ en ‘Memre Yu’. De lichting van schooljaar 2018-19 tracht in serieuze voetsporen te treden, en het zijn vooral de documentairemakers die daar het best in slagen.

Disclaimer: nog niet alle masterstudenten hebben hun afstudeerwerk ingediend. In het RITCS kunnen studenten kiezen tussen een deadline in juni of september. Een deel van de Film-afdeling én alle animatiewerken wordt dus pas over een paar maand op de wijde wereld losgelaten.
 

Documentaire

De master documentaire aan het RITCS levert alvast vijf erg sterke eindwerken af. Veel films vallen behoorlijk lang uit, maar evengoed bulken ze van de knappe beelden die bovendien tot denken stemmen.

Met ‘Ysbrant.17’ (30’) zoomt Roma Dhaen in op Ysbrant – familienaam onnodig voor deze bohémien-bourgeois figuur uit de schilderswereld. VRT NWS schreef anno 2011 naar aanleiding van een Ysbrant-expo in Hasselt: “Zijn ‘Antwerpse doeken’ verraden een wulpse, erotische speelsheid gevat in een frivool lijnenspel en badend in optimistische kleuren. Een zonnige expositie die het humeur een flinke kopstoot bezorgt. Heerlijk toch!”

De in Nederland geboren artiest is ondertussen 82 en woont alweer jaren in Antwerpen. Dit portret kijkt niet terug op zijn jaren in Venetië maar focust op het nu – een mijmering hier of feestfoto (met Hugo Claus!) daargelaten. Ysbrant doorbladert zijn eigen plakboeken vol schetsen en cutouts van knappe vrouwen (“Soms waren ze ook vastgebonden. Maar daar zullen we het nu niet over hebben”). Op kousenvoeten blijft hij zelfs buiten adem verder schilderen. Tot hij pompaf in slaap valt.

Warme bezoeken van vrienden, waaronder Jan Decleir, worden afgewisseld met wel héél vaak terugkomende tussenshots van bloemen in Ysbrants tuin. Maar Roma Dhaen toont een mooie slice of later life waar vriendschap en de zucht naar schoonheid centraal staan. Wat een prachtige muziek op het klassieke concert dat hij schuifelend bezoekt! En wat een liefde tussen Ysbrant en zijn entourage. Ondanks alle ongemakken: meer dan waardig ouder worden.

 


'La Mouette'

 

Met ‘Voor Eunice’ (32’) wenden we de blik op heel wat minder bevoorrechte zielen, aan de andere oever van de Schelde. De zusjes Eunice en Tarma komen uit Ghana. Het zijn mollige brulboeien die wel reuzen lijken tussen de andere kinderen in de concentratieklas. Ze delen zelf stoten uit, maar krijgen ook heel wat naar hun verwarde hoofden: “Dombo’s!” “Je bent rond!” “Leer Nederlands!”.

Die taal spreekt hun moeder alvast niet. Vader ook niet, want die is in Ghana gebleven. Toch maken de meisjes zich al best goed kenbaar, mede met dank aan het engelengeduld en engagement van de nooit zoeterige begeleiders in de klas, het zwembad en het lokale jeugdhuis – die door sommigen smalend Gutmenschen genoemde, onderbetaalde helden zijn duidelijk een zegen voor de samenleving.

Maar die maatschappij is hard en dat ervaren Eunice en Tarma als gééneen. Dat vertellen ze ook zelf: in een bijzonder geslaagde ingreep telefoneren ze met regisseur Jaan Stevens en luchten ze hun hart – in hun met vloeken doorspekte Nederlands natuurlijk. Toch zijn er ook heel hoopvolle beelden, zoals de klaskinderen die samen een heuvel oprennen en met vallen en opstaan een Fortnite-dansje doen. Die opflakkeringen doen deugd, want zonder twijfel staan de zusjes nog strenge winters en zure zweterige zomers te wachten.

Als één van deze korte documentaires een langspeelfilmversie zou kunnen krijgen, dan graag deze. Het zou supermooi zijn de levens van de meisjes jaren langer te kunnen volgen - naar analogie met Richard Linklaters fictiefilm ‘Boyhood’, een lange docu Sisterhood?

In 'Belgian Blue' (18’) laat Yasmine Versteele (winnaar van de Kortfilm.be-prijs tijdens Ulule’s Pitch Pitch) haar camera rondwaren in een koeienstal. An sich is dat niks nieuws. We kennen de slijk, stront en rubberlaarzen van die mistroostige omgeving uit fictiefilms als ‘Tom à la Ferme’ en uit reportages op tv. Maar op het grote scherm weet het sterke camerawerk ons weer te interesseren voor de fokdieren. Nu eens met weidse kaders, dan weer heel dicht bij de koppen en ogen van de koeien, wordt ‘Belgian Blue’ een fascinerende en viscerale ervaring – al helemaal als je hen ziet afzien bij het afvijlen van hun horens. Hun koppen zwieren heen en weer van de pijn, tussen en tegen de tralies.

‘Belgian Blue’ is geen aanklachtfilm rond dierenleed zoals de stiekeme opnames in varkenskwekerijen, maar de beelden spreken voor zichzelf. Het bleek ook een slimme zet om hier geen dramatische soundtrack aan toe te voegen. De enige dialoog is het loeien en smakken van de beesten. Stevige kost.

 


'Belgian Blue'

 

Met ‘La Chambre’ (25’) van Elie Maissin verhuizen we naar Brussel. In een centrum voor sans-papiers staan een hoop Afrikaanse mannen op elkaar getroept in een gang. Ze discussiëren over hoe ze daar samenwonen – niet iedereen trekt blijkbaar zijn streng. Er zijn eisen qua veiligheid, qua netheid. Roepend regelen ze hun prille democratie. De camera staat daarbij in de rug van de opzwepende spreker, wiens gezicht je nauwelijks krijgt te zien. De mannen staan zo dicht opéén, met de camera daar middenin, dat je ook als kijker beklemd wordt. Het korrelige zwart-wit maakt dat effect extra desoriënterend. Ze roepen elkaar tot de orde en tegelijk roepen ze op tot la lutte – niemand is illegaal. De al dan niet zelfredzaamheid van de mannen – nauwelijks een vrouw te zien – is net als de last om naar elkaar te luisteren universeel menselijk. Dat geeft ‘La Chambre’ een extra dimensie: weet het maar eens te redden.

La Mouette’ (30’) van Sébastien Segers (‘Memre Yu’) tenslotte kenmerkt zich door een larmoyante, Franstalige voice-over. In een dagboek uit de jaren vijftig en zestig bezingt en betreurt een vrouw de liefde voor haar vaak uithuizige schipper. “S’il continue à naviguer, quelle vie ai-je? Toujours si seule”. Maar dat lamentatio wordt ook opgemonterd door momenten van geluk. Het verhaal van de vrouw past bovendien wonderwel met majestueuze beelden van hedendaagse containerschepen. Nu zijn het geen Belgen maar vooral Indiërs die van haven en goed zijn gescheiden. Tussen de spelletjes Fortnite door bellen ze naar hun gezin – nog een paar weken van huis.

Net als het getreur van de voice-over wat zeurderig neigt te worden, gebeurt er iets wonderlijks in Segers’ film: het “femme de marin, femme de chagrin” thema wordt uitgediept door de introductie van extra koppen. Die frisse en ontroerende wind gaat ook nog eens gepaard gaat met fantastische shots, zoals wanneer je de zee door een rond scheepsvenster voélt bonken en klotsen. Of wanneer de boeg van het schip door ijsklompen breekt. Een sterk visueel verhaal die naam meer dan waard en een puike afsluiter van een reeks topdocumentaires. (js)
 

Film

De fictieregisseurs hinken helaas wat achterop. Veruit de knapste van de vier fictiefilms is het (opnieuw ook wat lange) kostuumdrama ‘Papa brengt de wereld mee’ (30’) van Laurent Vanderstokken. De titel moet u hem vergeven, en de eerste tien minuten eigenlijk ook. Dit historische drama start uiterst klassiek: travelshots, weelderige kostuums, strijkers, gestaag tempo. Violet Braeckman – gekend uit de Eén-series ‘Salamander’ en ‘Over Water’ – speelt de balorige dochter Annabelle in een matriarchaal gezin. Terwijl moeder (Kristine Van Pellicom) het keurslijf stevig aanspant, knijpt vaderlief een oogje dicht wanneer zijn dochter nog eens het atelier bezoekt waar ze eigenlijk niet mag komen. Ze droomt van een bezoek aan de wereld, ver buiten het kasteel. Of in ieder geval al Parijs.

Vanderstokken gooit midden film, gelukkig maar, het roer stevig om. Elementen van psychologische horror drijven de spanning hoog op, en geven Braeckman de kans om haar kunnen als jong, opkomend acteertalent te tonen. Als actrice blijft ze moeiteloos overeind – van haar personage kan helaas niet hetzelfde worden gezegd. Deze puik uitgevoerde genrewissel, in een film die er nota bene netjes uitziet, slaagt in z’n doel.

 


'Le temps qui reste'

 

De leukste titel komt er van Vincent Das, wiens ‘Don’t delete your embarrassing pictures’ (15’) ook al op een goede cast kan rekenen. Joren Seldeslachts (‘Tweesprong’, ‘May day’) raakt in een driehoeksverhouding tussen Charlotte De Bruyne (‘Al was het maar voor even’) en Anemone Valcke (‘Offline’) verstrengeld – terwijl die laatste eigenlijk al aanpapt met zijn maat Felix Meyer (‘Cadet’, ‘Copain’, ‘Poor kids’).

Twee jaar geleden creëerde Das een gelijkaardige tranche de vie met het minimalistische 'Kutdag' (toen geselecteerd voor Film Fest Gent). Af en toe laat hij dit keer zijn acteurs élkaar filmen (of althans die illusie wekt hij), en dat levert nog het meest authentieke materiaal op. Voorts is zijn film een nogal voorspelbaar dertien in een dozijn twenty-going-on-thirty-something drama waarin vooral de vier jonge acteurs hun best staan te doen. Maar met zo'n oppervlakkig scenario schiet je natuurlijk niet veel op – een veelbelovende titel ten spijt.

In ‘Graven’ (13’) van Tijs Torfs andere maar daarom niet minder luchtige koek. Tom Audenaert (‘De Smet’) speelt er een doorgedraaide strandjutter: met rode muts en bruine salopette trotseert hij de gure wind van onze Noordzeestranden om te graven naar… God mag het weten. Zijn maniakale graafroutine levert hem op het einde van de dag vooral een flinke pot microgolfspaghetti op. “Ben nog nooit zo diepgegaan,” antwoordt hij wanneer zijn vrouw (Joke Emmers) vraagt hoe het ging. Dieper dan dat wordt het niet, helaas.

Laura Van Passel graaft in haar afstudeerfilm ‘Le temps qui reste’ (18’) dan weer in de hersenkronkels van haar (jong)dementerende hoofdpersonage. De film opent sterk: een naakte man (Jean-Benoît Ugeux) zwemt lengtes in een door mist overdekt meer. Daarna trekt hij dezelfde plas roeiend op, niet veel later vergezeld door zijn dochter in een andere sloep. “Nog maar 58 minuten,” vertelt ze hem, wijzend op zijn nakende einde. Zijn laatste uur is ingegaan.

Zij doet er alles aan om nog een finale keer een emotionele connectie met hem te maken. Van Passel laat veel afhangen van haar setting, terecht ook, want het meer waarop de twee trappelend hun kin boven water trachten te houden is een mooie metafoor. Haar masterfilm werd eerder dit jaar al geselecteerd voor het Brussels Short Film Festival. (np)

Coverfoto © 'Papa brengt de wereld mee' (Laurent Vanderstokken)
Tekst: Jan Sulmont (js) & Niels Putman (np)