Coureur

Genre: Drama | Duur: 1u36 | 2018 | Release: 1 Januari 2019 | Land: België | Regie: Kenneth Mercken | Cast: Niels Willaerts, Koen De Graeve, Karlijn Sileghem, Anton Petrov, Fortunato Cerlino | Scenarist: Kenneth Mercken

Niets zo Vlaams als de kleinsteedse wielrennerscultus, maar Coureur – het langspeelfilmdebuut van Kenneth Mercken (Feel Sad for the Bunny)  - gaat eigenlijk niet over dat kneuterige wereldje van kermiskoersen. Wel is dit een verrassend gelaagd en aardedonker portret van een jongen wiens droom met hem aan de haal gaat.

 

Dat Coureur er over de hele lijn in slaagt een grote authenticiteit uit te stralen, is makkelijk verklaarbaar. Regisseur Kenneth Mercken heeft zelf een korte carrière als eliterenner beleefd en kent het wereldje duidelijk door en door. Coureur is zelfs deels autobiografisch. Dat authentieke zit hem echter niet alleen in de plot, die draait om de jonge wielrenner Felix. Hij ziet het groots en tracht het te maken bij een Italiaanse semiprofessionele ploeg. Meer dan een sfeerschets, is Coureur een geloofwaardig psychologisch portret van een tiener die zijn lichaam tot het uiterste drijft om een droom waar te maken. De camera lijkt dat lijf haast als een apart personage te beschouwen, inzoomend op onderhuidse spieren, focussend op parelend zweet. 

Net als in dat andere interessante debuut, Girl, is er dus dat fysieke element dat op de kijker overslaat. Daarnaast heeft Coureur ook de aandacht voor de vaderfiguur gemeen met Girl. In Felix’ geval is dat echter geen onvoorwaardelijke liefhebbende man, maar een nooit doorgebroken amateurwielrenner die zijn niet waargemaakte ambities op zijn zoon projecteert.

Dit is een harde, soms zelfs vieze film. We zien hoe een aantal volwassenen  - naast de vader, ook dokters, ploegleiders en zelfs collega-wielrenners  - Felix zonder verpinken oppompen, als was hij een raspaard of slachtkoe die prijzen moet pakken. De talloze spuiten en serums in beeld creëren een ongemakkelijke, zelfs wat misselijkmakende sfeer. Felix wordt een product en ziet zowel zijn droom als zijn lijf vernield worden door chemische smeerlapperij.

Mercken weet niet alleen de kille competitiesfeer onder de jonge wielrenners en de lichamelijke sloping met veel kunde voelbaar te maken, hij kruipt ook in het hoofd van zijn hoofdpersonage. Opnieuw zoals in Girl, treffen we een protagonist aan die niet veel zegt – en dat is niet slecht, want debutant Niels Willaerts komt verbaal niet altijd even spontaan over  - maar bij wie we de beleving in de ogen en houding zien. Willaerts laat dat werken. Hij heeft dat stugge, onverzettelijke dat de doorsnee Vlaamse coureur typeert en weet zijn lichaam uitstekend ten dienste te stellen van het verhaal. Koen De Graeve zagen we graag bezig als de vader.

Een verrassend gelaagde, aardedonkere afdaling in het hoofd van een jonge wielrenner

Maar onze appreciatie voor deze film is niet in het minst te danken aan de regie van Mercken. Al vanaf minuut één voel je dat beeld, geluid, enscenering en montage overdacht op elkaar zijn afgestemd. Coureur is geen probeersel, maar een expressieve uiting van iemand die weet wat hij wil. Cameraman Martijn Van Broekhoven – die nog niet bepaald veel langspelers heeft ingeblikt – zorgt voor de juiste standpunten om ons bij Felix’ lot te betrekken en speelt op bepaalde momenten krachtige spelletjes met licht en schaduw. Coureur oogt heel volkomen en af. De soundtrack met pittige songs van o.a. The Subs, Raketkanon en Steak Number Eight heeft effect.

Tenslotte willen we nog toejuichen dat Coureur geen film is die een publiek wil plezieren. Net als recent nog in Engel, krijgen we geen tragiek geserveerd om onze primaire lusten te bevredigen – wat wel het effect was in b.v. het te eendimensionale Niet Schieten. Het zou wat meer mogen in Vlaanderen, zo’n film die je nadien van je lijf wil wassen. De vergelijking met Engel is trouwens niet uit de lucht gegrepen: regisseur Koen Mortier is producent van Coureur.

Om nog een laatste keer naar Girl te verwijzen: net als Lukas Dhont is Kenneth Mercken heel vertrouwd met zijn onderwerp en is de film erg persoonlijk geworden. We twijfelen er echter niet aan dat Mercken in een volgend project nogmaals gravitas en stijl kan combineren, ook als hij het terug buiten zijn leefwereld gaat zoeken. 

Sven De Schutter Helemaal (niet) akkoord? Lees de

Let op: wanneer u verder gaat zit de kans er dik in dat het einde van de film verklapt wordt met alle gevolgen voor uw filmervaring vandien.

ik wil mijn pret bedorven zien

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Felix keert terug uit Italië nadat men daar ontdekt heeft dat hij preparaten inspuit die hem uit België werden toegestuurd. Thuis gaat hij loos in het uitgaansleven, waarbij hij verdovende middelen gebruikt. Tijdens een confrontatie met zijn vader gaat hij onderuit. Hij wordt een ambulance ingedragen.